Cannabisproces uitgesteld wegens taalkwestie

Tweeëntwintig beklaagden moeten zich in de Brusselse correctionele rechtbank verantwoorden voor hun betrokkenheid bij het uitbaten van meerdere cannabisplantages. De zaak werd ingeleid voor de Nederlandstalige rechtbank, maar de meerderheid heeft aangegeven in het Frans berecht te willen worden. Daardoor kon de zaak niet behandeld worden. Het draait allemaal rond drugsplantages die in 2016 opgedoekt werden in Meise, Asse, Strombeek-Bever en Waregem. Het onderzoek wees uiteindelijk 22 verdachten aan die doorverwezen werden naar de rechtbank. Twintig van hen worden vervolgd voor drugshandel en als lid van een criminele organisatie. Twee anderen moeten zich verantwoorden als leider van die criminele organisatie. Enkele verdachten staan ook terecht voor diefstal met braak, en nog eens drie anderen voor witwaspraktijken. De rechter oordeelt op 14 mei over de taalkwestie.


(WHW)