Nederlandse zakenvrouw (44) riskeert 7 jaar cel voor invoer van 1,1 ton heroïne

Een heroïnevangst in Groot-Brittannië, ter illustratie.
EPA Een heroïnevangst in Groot-Brittannië, ter illustratie.
Het Antwerpse parket heeft vrijdag zeven jaar cel en 24.000 euro boete gevorderd voor Mehtap K. (44) uit het Nederlandse Rotterdam. De zakenvrouw zou door een criminele organisatie zijn ingehuurd om een vennootschap op te richten waarmee een deklading tegellijm werd ingevoerd. Bij een controle van de container bleek er meer dan 1,1 ton heroïne in verstopt te zitten. De Rotterdamse zegt niets van de drugs af te weten en vraagt de vrijspraak.

De douane controleerde op 3 februari 2019 een container met tegellijm die bestemd was voor de vennootschap van de beklaagde. Er werden 73 zakken met in totaal 1.112 kilo heroïne in aangetroffen. De container werd drie dagen later opgehaald en naar een loods op een bedrijventerrein in Wuustwezel vervoerd. Mehtap K. werd ter plaatse gearresteerd.

De vrouw wist naar eigen zeggen niet dat er drugs in de container zaten. Ze verklaarde dat ze al drie jaar een bedrijf in Turkije had, dat actief was in de bouwsector. Daarnaast had ze in 2018 een vennootschap overgenomen om goedkoop bouwmateriaal uit Iran en Turkije in te voeren, dat ze vervolgens wilde verder verkopen in België.

Dekmantel

Volgens het openbaar ministerie werd ze echter ingehuurd als stroman, zodat haar vennootschap kon dienen als dekmantel voor drugstransporten. “Ze wist bijvoorbeeld niet dat de maatschappelijke zetel van haar vennootschap gelegen was aan het Sint-Jansplein. Ook kon ze niet zeggen wie haar boekhouder was”, stelde de procureur.

Die vond het ook vreemd dat Mehtap K. de loods al op 20 augustus 2018 gehuurd had, maar dat ze die pas op 5 februari 2019 in gebruik had genomen. “Ze betaalde dus 4.000 euro aan huurgelden voor niets, terwijl ze net heel veel schulden heeft in Nederland en het toch haar bedoeling was om geld te verdienen. Die huurgelden werden bovendien cash betaald.”

De verdediging vond dat maar magertjes als bewijs. “Als ze echt door een criminele organisatie was ingehuurd, dan zou ze haar opdrachtgevers toch gebeld hebben om te zeggen dat de container gearriveerd was? Maar wie belt ze? Niemand. Mijn cliënte is niet bekend bij politie of gerecht en er is geen enkel hard bewijs van haar betrokkenheid”, pleitte advocaat Tim Smet.

Het vonnis volgt op 5 december. 




Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.