Kleuters uit Antwerpen gaan minder vaak naar school dan Vlaamse leeftijdsgenoten

Illustratiebeeld
Benoit De Freine Illustratiebeeld
Vorig schooljaar 2018-2019 was 97,5 procent van de Vlaamse kleuters voldoende aanwezig in de kleuterklas. Dat is net iets meer dan het schooljaar voordien (97,4 procent). Antwerpen ligt met 94,3 procent onder dat Vlaams gemiddelde. “Sommige ouders zien geen meerwaarde in een kleuterklas omdat ze denken dat er enkel gespeeld wordt.”

94,3 procent van de kleuters ging in het schooljaar 2018-2019 voldoende dagen naar de kleuterschool.  Een kleuter van 3 jaar moet minstens 150 halve dagen aanwezig zijn, een kleuter van 4 jaar minstens 185 halve dagen en een kleuter van 5 jaar minstens 220 halve dagen. Met dat percentage zit Antwerpen net onder het Vlaams gemiddelde van 97,5 procent. 

Mensen van een niet-westerse origine denken nog te vaak dat de kinderen hier enkel spelen. Maar al spelend leren ze natuurlijk ook. Denk bijvoorbeeld maar aan taalontwikkeling, zeker als het Nederlands thuis geen voertaal is

Tinneke Verschoren (kleuterschool Mikado)

Het probleem van afwezige kleuters verschilt sterk van school tot school. Dat blijkt uit een korte rondvraag bij de Antwerpse kleuterscholen. Zo zitten de klasjes van kleuterschool De Krokodil zo goed als altijd volledig vol. “Als er een kindje afwezig is, dan komt dat zo goed als altijd omdat het kindje ziek is. Ik merk dat de ouders echt wel hun best doen om hun kleuters naar school te brengen en dat is al jaren erg stabiel bij ons”, vertelt directrice Ingrid Hendrickx. 

Geen sociaal vangnet

Maar een ander verhaal horen we bij kleuterschool Mikado. “We kampen al een tijdje met het probleem dat ouders hun kleuters niet naar school brengen”, vertelt directrice Tinneke Verschoren. “Het ene jaar is het probleem al wat groter dan het andere. Als we kijken naar het instapklasje dit jaar dan zien we dat er 17 kindjes zijn ingeschreven maar dat er vaak maar 9 kinderen aanwezig zijn.” Volgens Verschoren ligt dat hoge cijfer onder andere aan het feit dat heel wat ouders geen sociaal vangnet hebben. “Wanneer de ouders ziek zijn kunnen zij niet terugvallen op familie of vrienden om de kinderen naar school te brengen.”

Maar een ander probleem is dat ouders vaak de impact van dergelijke instapklasjes en het kleuteronderwijs onderschatten. “Mensen van een niet-westerse origine denken nog te vaak dat de kinderen hier enkel spelen. Maar al spelend leren ze natuurlijk ook. Denk bijvoorbeeld maar aan taalontwikkeling, zeker als het Nederlands thuis geen voertaal is”, aldus Verschoren. Om dat misverstand weg te werken, organiseert de school vaak infoavonden voor de ouders waarop ze de werking van een instapklasje uitleggen en wat de troeven zijn. 

“Niet doemdenken”

Schepen voor Onderwijs Jinnih Beels wil vooral niet doemdenken. “Veruit de meeste kleuters in onze stad gaan naar school, en scholen hebben veel aandacht voor aanwezigheidsbeleid en ouderbetrokkenheid. We zetten daar als stad sterk op in. Wél gaan niet alle kleuters evenveel dagen of dagdelen dus daar willen we nog extra op inzetten via ons urgentieplan Area UP. Sommige jonge ouders sturen hun kindjes bijvoorbeeld niet op woensdag, of in het begin maar halve dagen, wat op zich begrijpelijk is. Maar feit is dat inzetten op kwaliteitsvolle kleuterparticipatie en dus regelmatig schoollopen een goede impact heeft op de hele schoolcarriere.”

Daarom heeft de stad in het verleden al een aantal maatregelen genomen om ouders te informeren over het belang van de kleuterschool en dat een inschrijving niet vrijblijvend is. Daarnaast wordt er ook gewerkt aan zogenoemde ‘ouderbetrokkenheid’ waarbij kwetsbare ouders begeleiding krijgen naar en tot in de kleuterschool via kennismakingsmomenten en wenmomenten.