Gitarist Tom Vanstiphout op wereldtournee met
Bryan Ferry: “Niet slecht voor jongen die liever voetbalde”

Tom Vanstiphout.
Jan Aelberts Tom Vanstiphout.
De kans dat u hem herkent is klein, de kans dat u hem nog nooit gehoord hebt onbestaande. Tom Vanstiphout (44) is de ex-gitarist van Clouseau en sinds tien jaar trouwe sidekick van Milow. In mei staat Bryan Ferry op het menu. Vanstiphout zal de legende - herinner u Roxy Music - begeleiden tijdens een tour door Europa, Canada en de VS. “Ik ben Ronaldo of Messi niet, eerder Kevin De Bruyne. Veel assists en af en toe een schone goal.” Óók goed.

Minder rock’n roll dan Hof De Bist kan haast niet. En toch hebben we hier afgesproken met Tom Vanstiphout, al meer dan twintig jaar één van de topmuzikanten van Vlaanderen. We zijn in Ekeren, een mooi stukje Antwerpse periferie en hometown van Tom Vanstiphout. Het is er warm en de koffie goed te drinken. Rust heet dat. En rust is nodig, zeker voor Vanstiphout.

“Het gaat hard, ja. Ik heb het grote geluk dat ik nog nooit bang heb moeten wachten op een volgende opdracht. Maar de muziekbusiness ligt een beetje op zijn gat en de laatste twee, drie jaar wordt het moeilijker. Het studiowerk schiet er vaker bij in. De budgetten om albums op te nemen zijn kleiner en artiesten nemen sneller thuis op. Jammer, want goeie muzikanten die een paar uur op elkaars lip zitten in een studio, dat heeft iets magisch. Chemie, actie, reactie en de geboorte van heel veel moois.”

Je vader was ex-militair en daarna baas van een industrieel schoonmaakbedrijf, je moeder lerares in een zesde leerjaar. Niet écht het muzikaal nest dat artiesten voortbrengt.

“Ik kreeg mijn eerste gitaarles toen ik zeven jaar was, maar ik speelde zoals elke jongen liever voetbal. Dankzij mijn moeder ben ik blijven spelen. Wilde ik stoppen met gitaar, dan moest ik ook het voetbal opgeven. Dat was de deal. En dus bleef ik spelen. Mijn broer is vijf jaar ouder en mijn ouders werkten allebei. Gevolg: ik zat vaak alleen thuis. Dan sleepte ik mijn versterker naar de woonkamer en draaide de cd’s van mijn broer. The Velvet Underground, Neil Young, maar net zo goed The Prodigy. Op mijn 15 jaar had ik een eerste bandje en werd het pas echt plezant. Tijdens een open podium op school speelde iedereen A Forest van The Cure - het waren niet voor niks de eighties - maar wij, allemaal seuten met een brilletje, kozen voor Dire Straits. Dat was ook mijn allereerste grote concert. Mark Knopfler speelde de pannen van het dak. On-ver-ge-te-lijk.”

“Omdat je in die tijd als 18-jarige nog geen popmuziek kon studeren, vertrok ik naar het conservatorium in Leuven: klassieke gitaar. Met de belofte aan mijn ouders dat ik zou blijven pendelen, verhuisde ik al snel naar Antwerpen. Van dat pendelen en de lessen kwam weinig in huis, maar daar in Antwerpen, in de cafés, heb ik veel geleerd. Ik kwam er Eric Melaerts (gitarist van onder meer Clouseau en Soulsister, red.) tegen. Een paar jaar later zou hij me voorstellen als tweede gitarist van Clouseau. Het is gelopen zoals het moest. Die job kiest jou, niet andersom.”

Tom Vanstiphout.
Jan Aelberts Tom Vanstiphout.

Je speelde met Clouseau meer dan één keer het Sportpaleis plat. Er was werk zat en het einde is voor de broers Wauters nog altijd niet in zicht. Toch verliet je de band na tien jaar om met een zekere Jonathan Vandenbroeck te spelen, Milow in de volksmond.

“Geen makkelijke beslissing. Met Clouseau heb ik fantastische tijden beleefd, maar het was ook bijna elke dag Clouseau. Die band begeleidde The Voice, X-Factor, noem het maar op. Ik wilde meer tijd voor eigen werk. Helaas bleek die Milow na zijn eerste album óók al keihard door te breken. En ver voorbij Blankenberge of Maasmechelen. Tussen 2009 en 2012 was ik nonstop op tour in Europa en Canada. Alweer geen tijd voor die eigen nummers dus. Maar ik bewonder Jonathan: hij kan schrijven én verkopen.”

Ondanks het succes bracht je wél vier albums uit in eigen beheer. Ik beken: ik heb ze moeten opzoeken. Hoe moeilijk is het om vooral als sidekick in de hoofden van het publiek te bestaan?

“Ik heb daar geen enkel probleem mee. Het succes van Milow deel ik met Jonathan. En ik tour graag. Voor een optreden van Clouseau kwam je een half uur op voorhand toe, speelde, en voor je het wist zat iedereen al in zijn eigen auto op weg naar huis. Wekenlang samenleven op een tourbus, dat is kicken. Je ziet dat je de eerste tien concerten nóg veel beter wordt. Dat kan in België niet. Het zou onnozel zijn om van Leuven naar Antwerpen te rijden met een bus. Vlaanderen is te klein voor dat soort avonturen. Het is een job als je hier speelt. Een toffe job, dat wel. Het echte touren is ook heavy. Het afscheid van mijn vrouw en twee zonen van 10 en 12 jaar blijft slikken, maar ondertussen weten ze hoe het werkt en wat papa doet.”

Tussen ons: wat schuift dat, topmuzikant zijn in België?

“Wie denkt dat ik op mijn 50 jaar met pensioen kan, heeft het mis. Vergelijk het met een goeie bakker, een goed loon, maar daar houdt het ook op. Maar wat ik doe, doe ik ontzettend graag. En ik kan ook niks anders. (lacht) De eerste concerten met Bryan Ferry komen er nu aan, je leert nieuwe muzikanten kennen en rolt zo misschien weer in het volgende. Maar ook Milow kan op me blijven rekenen. Gitarist Chris Spedding zei ooit: ‘ik wacht nog altijd op de dag dat iemand me komt zeggen: ik weet wel dat je doet alsof je gitaar aan het spelen bent.’ Dat gevoel heb ik ook. Ik wéét wat ik kan, maar ik zie ook elke dag gitaristen waarvan ik denk: die zijn technisch veel beter. Ik ben dus vooral heel dankbaar dat dit mijn leven is.”

De nuchterheid zelve.

“Van sterallures kan je me niet beschuldigen, dat is waar. Dat Jimi Hendrix zich de beste voelde, vooruit. Ik ben Ronaldo of Messi niet, eerder Kevin De Bruyne. Veel assists en af en toe een schone goal. Nee, echt, ik ben content. En in België ben ik overal gepasseerd. Met Novastar, daar ben ik altijd fan van geweest, wil ik nog wel eens op tournee. Of met Jasper Steverlinck. Zijn laatste album is supertof. Maar dat ik straks naast Bryan Ferry in de Royal Albert Hall in London staat: niet slecht voor een jongen die ooit liever voetbalde.”

Je zegt het. Bedankt voor dit gesprek.

Graag gedaan. En als je toch nog een paar regels over hebt: mensen moeten meer naar Ry Cooder luisteren. En naar Spencer the Rover. Koen Renders is geniaal.”

Tom Vanstiphout.
Jan Aelberts Tom Vanstiphout.



Reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.