Beroepsproces tegen Bo Coolsaet wordt in maart ingeleid

Uroloog Bo Coolsaet in de Antwerpse rechtbank.
Bob Van Mol Uroloog Bo Coolsaet in de Antwerpse rechtbank.
Het beroepsproces over de zedenzaak tegen Bo Coolsaet (80) wordt op donderdag 5 maart ingeleid voor het Antwerpse hof van beroep. De uroloog werd afgelopen najaar door de rechtbank van eerste aanleg veroordeeld tot vier jaar cel, waarvan de helft effectief, voor de aanranding en verkrachting van een minderjarige patiënte. Coolsaet heeft de feiten altijd ontkend.

De vrouw die nu 29 jaar is, was 15 toen ze in mei 2006 Coolsaet consulteerde voor pijn in de onderbuik. Zijn diagnose luidde “interstitiële cystitis”, of blaaspijnsyndroom. De uroloog gebruikte bij de behandeling een vibrerend instrument, waardoor de crème die in haar urinebuis werd ingebracht beter geabsorbeerd zou worden. Volgens de vrouw bracht Coolsaet haar met het apparaat tot een orgasme en raakte hij er zelf ook opgewonden van. Hij zou haar in haar nek gekust hebben en aan de billen en borsten betast hebben. In juni 2009 zette ze de behandeling stop.

Het slachtoffer had het bijzonder moeilijk met de feiten. Nadat ze in therapie was gegaan, besloot ze in oktober 2015 klacht in te dienen. Coolsaet ontkende de aantijgingen met klem. Het openbaar ministerie zag onvoldoende bewijs van grensoverschrijdend gedrag en had de vrijspraak gevraagd.

Misbruik bewezen

De rechtbank vond het misbruik wél bewezen. De behandelmethode van Coolsaet was volgens de aangestelde gerechtsdeskundigen niet gangbaar. Dat een vibrerend toestel noodzakelijk zou zijn om de absorptie van de crème te verbeteren, vond ook geen enkele wetenschappelijke ondersteuning. Volgens de rechtbank had Coolsaet zijn positie als arts misbruikt om zijn eigen seksuele lusten te botvieren op een jong meisje.

De uroloog tekende beroep aan tegen het vonnis. Op de inleidende zitting van 5 maart zal een datum geprikt worden voor de behandeling van het dossier.