5.000 Belgen vroegen al aan Google om online 'vergeten' te worden

Internetzoekmotor Google kreeg uit België al meer dan 5.000 aanvragen om bepaalde websites niet meer weer te geven in de resultatenlijst van een opzoeking op basis van een persoonsnaam. In meer dan 55 procent van de gevallen werd de aanvraag geweigerd. Dat staat in het jaarverslag 2014 van de Privacycommissie.

In mei vorig jaar velde het Europees Hof van Justitie een arrest in de zogenoemde zaak "Google Spanje". Door dat arrest kunnen Europese burgers nu aan zoekmachines vragen om websites met hun persoonsgegevens niet langer in de zoekresultaten te vermelden, bijvoorbeeld omdat die gegevens niet langer juist of relevant zijn.

Dat "recht om vergeten te worden" is niet absoluut en kan dus geweigerd worden. Belgen die menen dat hun verzoek onterecht werd afgewezen, kunnen de privacycommissie vragen om bij de zoekmotor te bemiddelen. Vorig jaar kreeg de Privacycommissie al 25 dossiers. Het ging onder meer om persberichten over rechtszaken, verouderde websites en vragen om elke online vermelding van een naam te schrappen.

Het aantal dergelijke dossiers in intussen opgelopen tot 46, waarvan er 38 zijn afgehandeld. In zowat de helft van de gevallen was de weigering door Google terecht, in de andere helft kon de commissie Google overtuigen om alsnog op het verzoek in te gaan.

De hoeveelheid Belgische "Google Spanje"-dossiers ligt dus niet zo hoog als sommigen dachten, merkt de Privacycommissie op. "Toen het arrest werd uitgesproken, werd gezegd dat dit voor een massa aanvragen zou zorgen, maar dat valt eigenlijk wel mee", zegt voorzitter Willem Debeuckelaere.

Uit het jaarverslag van de Privacycommissie blijkt ook dat het aantal aangiftes van plaatsen die met camera's worden bewaakt het afgelopen jaar met 40 procent is gestegen, tot meer dan 5.300 nieuwe aangiftes.

"Toen het arrest werd uitgesproken, werd gezegd dat dit voor een massa aanvragen zou zorgen, maar dat valt eigenlijk wel mee."

Voorzitter Willem Debeuckelaere