Drie jaar na de grote toestroom: hoe vergaat het de vluchtelingen in hun zoektocht naar werk?

Beeld ter illustratie
Photo News Beeld ter illustratie
Sinds 2015 worden in ons land elk jaar enkele duizenden Irakezen, Syriërs en Afghanen als vluchteling erkend. Velen dromen ervan om in ons land een nieuw leven op te bouwen, met nieuwe vrienden, een eigen woonst en een job die bij hen past. Zeker dat laatste blijft een grote uitdaging.

Terug naar 2015, het hoogtepunt van de vluchtelingencrisis. In dat jaar ontvangt het Commissariaat voor de Vluchtelingen en de Staatlozen 35.476 asielaanvragen, goed voor 44.760 nieuwkomers, een verdubbeling tegenover 2014. Twee op de drie aanvragen zijn afkomstig van Irakezen (21,8 procent), Syriërs (21,3 procent) en Afghanen (20,0 procent). In de maanden die volgen, krijgen de meesten onder hen groen licht. Als erkende vluchtelingen mogen ze in ons land blijven en genieten ze van dezelfde rechten als andere inwoners.

Analfabeet

Zeker in de centrumsteden is het effect daarvan stevig voelbaar. Het aantal verzoeken voor financiële steun schiet de hoogte in. Het OCMW van Turnhout bijvoorbeeld ziet het aantal mensen met een leefloon maand na maand toenemen: van 521 in 2012 gaat het naar 963 in 2016. “En dat aantal stijgt nog altijd verder”, vertelt OCMW-voorzitter Luc Op de Beeck. “Dat heeft voor een groot stuk te maken met de vele opvangcentra die hier in de buurt gevestigd zijn. Van alle vluchtelingen die in 2015 en 2016 in België zijn aangekomen, kwam 11,4 procent terecht in een centrum in de buurt van Turnhout. Na hun erkenning zijn de meesten hier in de buurt blijven wonen. En dat vertaalt zich dus in een stijgend aantal leefloners. Maar voor alle duidelijkheid: die steun is niet vrijblijvend. Wie een leefloon ontvangt, proberen wij altijd naar werk te activeren. Het is nooit de bedoeling dat mensen jarenlang ‘van het OCMW leven’.”

Een aantal nieuwkomers – in Turnhout gaat het om 20 procent – heeft nooit leren lezen of schrijven.

Toch is die opdracht allesbehalve vanzelfsprekend. Zo is het voor vluchtelingen vaak al een hele klus om de randvoorwaarden – denk aan huisvesting – geregeld te krijgen. “Ook de mentale gezondheid is bij velen wankel”, weet Op de Beeck. “Met iemand die getraumatiseerd is, kun je het niet vanaf dag één over werk hebben. Laat staan dat je hem aan de band kunt zetten.” En zo zijn er nog wel wat drempels: kennis van het Nederlands bijvoorbeeld. Een aantal nieuwkomers – in Turnhout gaat het om 20 procent – heeft nooit leren lezen of schrijven. Voor hen is zelfs het basisniveau Nederlands halen moeilijk.

Gegevens van de VDAB bevestigen die lage scholingsgraad. Van alle anderstalige werkzoekenden die zich tussen 2014 en oktober 2017 bij de VDAB hebben ingeschreven, was iets meer dan de helft kortgeschoold, een derde had een diploma middelbaar onderwijs behaald en 17 procent een diploma hoger onderwijs. Bij de instroom uit Afghanistan, Irak en Syrië valt die lage scholing zelfs nog iets meer op.

Lees ook: Een goed loon verdienen zonder hoger diploma? Het bestaat!

Verwachtingen bijsturen

De succesfactoren dan. Welke ingrediënten garanderen wél een vlotte start op onze arbeidsmarkt? “Dat kan je natuurlijk nooit exact te voorspellen”, reageert Shaireen Aftab, woordvoerder van de VDAB. “Maar we zien wel dat de combinatie van talenkennis (Nederlands, Engels of Frans) én vaktechnische competenties doorslaggevend zijn. Als beide aanwezig zijn – bijvoorbeeld een IT’er die Engels praat – dan mag je veronderstellen dat de zoektocht relatief vlot zal verlopen.”

Dat ervaart ook Guido Vangoidsenhoven, bemiddelaar bij de VDAB in Antwerpen en betrokken bij de eerste screenings van vluchtelingen: “Tijdens dat kennismakingsgesprek peil ik altijd eerst naar de algemene levensloop van de werkzoekende. We overlopen het studieverleden en eerdere werkervaringen en trachten samen tot een realistisch jobdoel te komen. Het gebeurt regelmatig dat ik de verwachtingen moet bijsturen. Meteen op het juiste niveau werken bijvoorbeeld is niet altijd haalbaar.”

Ik heb nog nooit iemand moeten sanctioneren omdat die niet wou meewerken aan het traject.

Guido Vangoidsenhoven

Op basis van die eerste screening geeft de VDAB advies over de volgende stap. Die kan allerlei richtingen uitgaan: soms verwijst de bemiddelaar door naar een oriëntatiecursus (om de arbeidsmarkt beter te leren kennen), soms stelt hij een beroeps- en/of taalopleiding voor en soms brengt hij de werkzoekende in contact met de sectorspecialisten van de VDAB, die hem vervolgens in het juiste netwerk of zelfs rechtstreeks bij een werkgever introduceert. “We hebben geen afgelijnd modeltraject, maar passen ons aan aan de noden van wie voor ons zit. Dat geldt trouwens ook voor Vlaamse werkzoekenden.” Is er geen medewerking, dan zal de bemiddelaar de trajectbegeleider van het OCMW daarvan op de hoogte brengen. Wanneer het de spuigaten uitloopt, dan kan die eventueel beslissen om het leefloon te schorsen. “Zelf heb ik nog nooit moeten sanctioneren”, vertelt Guido Vangoidsenhoven. “Loopt het niet zoals afgesproken, dan zal ik altijd naar de achterliggende redenen kijken.”

Limburgse vlaai

In tegenstelling tot enkele jaren geleden is een gebrekkige kennis van het Nederlands voor de VDAB geen reden meer om de bemiddeling naar werk uit te stellen. Aftab: “Zodra de basis er is, beginnen we eraan. Het is immers vaak door te werken dat het Nederlands sterk verbetert. Bovendien leren nieuwkomers op de werkvloer onze cultuur kennen en bouwen ze een netwerk uit. Dat komt de integratie alleen maar ten goede.” Shaireen Aftab verwijst naar het voorbeeld van een banketbakker uit Syrië. Met twintig jaar ervaring als patissier kon ie bakken als de beste. “Een bakker uit Limburg zag hem dan ook met veel plezier komen. Omdat ie de vaktermen niet in het Nederlands kende, hebben we in het begin een instructeur Nederlands meegestuurd om hem te coachen en vanop de werkvloer de juiste woorden bij te brengen. Hij is daar kunnen blijven en bakt ondertussen waarschijnlijk ook Limburgse vlaaien.” (lacht)

De kunst bestaat erin om vluchtelingen de tijd te geven om hun trauma te verwerken, Nederlands te leren en een netwerk op te bouwen, en hen toch zo snel mogelijk van werk te laten proeven.

Luc Op de Beeck

Een gelijkaardige analyse horen we bij het OCMW van Turnhout. Ook daar wachten ze liever niet te lang om vluchtelingen met de arbeidsmarkt te laten kennismaken. Op de Beeck: “Hoe langer je de stap uitstelt, hoe lastiger het wordt om hen aan de slag te krijgen. De kunst bestaat erin om vluchtelingen enerzijds de tijd te geven om hun trauma te verwerken, Nederlands te leren en een netwerk op te bouwen, en hen anderzijds toch zo snel mogelijk van werk te laten proeven. Dat hoeft niet per se meteen in het reguliere circuit. Ook vrijwilligerswerk, arbeidszorg of sociale tewerkstelling via artikel 60 kunnen waardevolle ervaringen zijn.”

Succes?

Welke vruchten de aanpak van de VDAB afwerpt, daar kunnen we slechts gedeeltelijk op antwoorden. In zijn database houdt de VDAB immers alleen cijfers over ‘anderstalige werkzoekenden’ bij. Naast vluchtelingen zitten daar ook veel andere migranten bij, zowel van binnen als van buiten de EU. Van die groep weet de VDAB dat ongeveer een derde na een half jaar aan het werk is. Na twee jaar is dat verder gestegen tot 43 procent. Bij Syriërs, Afghanen en Irakezen ligt dit nog enkele procentpunten hoger.

Met zo’n cijfers lijken we het alleszins al een stuk beter te doen dan onze noorderburen. Daar gaf het Centraal Bureau voor de Statistiek zopas mee dat er slechts 11 procent van de asielzoekers die in 2014 een verblijfsvergunning kregen 2,5 jaar later aan het werk was. 

Lees ook:

Helft nieuwkomers aan het werk na 2 jaar

Discriminatie op de arbeidsmarkt: van 2009 tot nu

Maken laaggeschoolden in Vlaanderen nog een reële kans op een job?

Bronvacature.com.




16 reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Jan De Cock

    Zal einde van Europa zijn !

  • Ivan Willems

    We zullen mekaar eens spreken binnen 20-25 jaar. Dan gaan wij het onderspit delven. Let op mijn woorden. Nogmaals, ik heb GEEN problemen met asielzoekers. Integendeel zelfs, je moet goed begrijpen dat je de zee NIET in een emmer water kan scheppen. En dat dringt ons Europa op. De kruik gaat zolang onder dat ze barst. Met alle gevolgen van dien.

  • Dries Peeters

    Economische vluchting met vervalste paspoorten maken het sociale systeem van belgie kapot. Zelfs vluchtelingen die zeggen 12 jaar te zijn zien eruit als 30. Hoelang gaat die gekheid in de EU verdergaan. Binnen een paar generaties zijn wij de minderheid.

  • armand mudah

    gerry ga eens kijken op de werkvloer je zal ze er niet veel zien , diegenen die werken zijn migranten uit westerse landen , trouwens freek heeft gelijk opvangen tot de oorlog in thuisland gedaan is en dan sito presto terug geen asiel meer maar tijdelijke bescherming en dan liefst in hun buurlanden

  • Gerry Cle

    Het is niet meer dan logisch dat mensen die naar het westen vluchten om een beter leven op te bouwen graag zo snel mogelijk beginnen te werken. De populistische zever dat ze alleen naar hier komen om op hun luie kl... te liggen en te profiteren heb ik nooit geloofd.