Exclusief voor abonnees

Spaarboekje openen voor je kind? Wie rendement wil, kan beter beleggen met fondsenspaarplan

Rechts: Michaël Van Droogenbroeck
Getty Images/ steven richardson Rechts: Michaël Van Droogenbroeck
De pamperrekening is al lang ingeburgerd. Bij enkele banken kunnen ouders zelfs al voor de geboorte een rekening openen voor hun kindje, zodat het rekeningnummer mee op het geboortekaartje kan prijken. Een fondsenspaarplan klinkt misschien wat minder aantrekkelijk, maar het rendement kan wel het verschil maken. Belangrijkste bondgenoot daarbij is de tijd: een horizon van minstens 18 jaar. Onze financieel expert Michaël Van Droogenbroeck legt uit hoe het precies werkt.

Het klassieke spaarboekje is ongetwijfeld de meest bekende en ook de meest gebruikte manier om voor een kind of kleinkind te sparen. Het aanbod van kinderen- of jongerenrekeningen is vandaag weliswaar minder groot dan vroeger, vooral omdat banken moesten snoeien in hun aantal rekeningen. Maar ook via een gewone spaarrekening kan u sparen, ofwel op naam van uw (klein)kind, ofwel via het zogeheten derdenbeding waarbij u uw (klein)kind als begunstigde aanduidt. Met die laatste optie hebt u iets meer controle over het moment dat kind of kleinkind over het gespaarde kapitaal kan beschikken.

Maar welke rekening u ook kiest, het rendement ervan is erg pover. De meeste baby- en jongerenrekeningen bieden niet meer dan het wettelijk minimum van 0,11%. Omdat de prijzen gemiddeld aan een veel sneller tempo stijgen, betekent dat een verlies aan koopkracht in elk jaar dat die inflatie hoger is dan de spaarrente. Wat u vandaag voor uw (klein)kinderen spaart, is op hun 18de verjaardag wat minder waard.

Wie belegt, moet dat doen op de lange termijn, om de wispelturigheid van de aandelenmarkten uit te vlakken

Wie rendement wil, moet daarom op zoek naar alternatieven. Een fondsenspaarplan kan dan uitkomst bieden. Daarmee belegt u gespreid in de tijd en op vaste momenten in beleggingsfondsen. In aandelen dus.

Wat is het?

Aandelen houden risico’s in. Wie spaart voor kind of kleinkind wil uiteraard niet dat dat kapitaal in rook opgaat. Daarom is spreiden de vanzelfsprekende optie, over verschillende aandelen in verschillende sectoren en liefst ook in verschillende regio’s. Een groot aanbod van fondsen biedt de mogelijkheid om dat makkelijk te doen, vaak ook aangevuld met obligaties die de grotere wispelturigheid van aandelen kunnen opvangen. Wie belegt, moet dat doen voor de lange termijn, net omwille van die onvoorspelbare wispelturigheid. En zeker een kapitaal spaart voor zijn kind of kleinkind, moet voor die lange termijn gaan: met een horizon van 18 jaar kan een fonds meer rendement bieden dan het spaarboekje.

Wanneer instappen?

Maar ook dan is het instapmoment bepalend voor dat rendement: wie instapt op een moment dat beurzen hoog staan, zal op termijn ook minder rendement behalen dan wie instapt op een moment dat de beurzen op een laagtepunt staan. Helaas heeft niemand die glazen bol die uitwijst op welk punt in die grafiek we op dit moment staan. Het grote verschil met een spaarboekje is dat er bij fondsen doorgaans géén kapitaalbescherming is. Een fondsenspaarplan kan helpen om die onzekere timing het hoofd te bieden. Via een fondsenspaarplan stapt u niet op één moment in een fonds, maar met een vooraf bepaalde regelmaat. Dat kan elke maand, maar ook om de drie maanden en soms zelfs elke week.

Door dat consequent te doen, op momenten dat beurzen boomen maar ook op momenten dat beurzen het slecht doen, kan u zo de emotie van de markten negeren en de wispelturigheid van beurzen wat neutraliseren. Ideaal dus voor wie in ruil voor iets meer risico iets meer rendement wil behalen voor zijn kind of kleinkind: op die manier kan u jaren na elkaar elke maand dat fonds opbouwen.

Hou wel rekening met de instapkosten, die verschillen naargelang de bank, en worden afgehouden van het geld dat u in het fonds stort

Hoeveel sparen?

Bijkomend voordeel is dat u bij de meeste van de fondsenspaarplannen ook voor een beperkt bedrag kan instappen. Hoe hoog dat bedrag is, hangt af van bank tot bank, maar meestal kan het al vanaf 25 euro per maand. Zo stapt u dus voor dat bedrag elke maand in het fonds dat u koos en zal uw aankoopkoers op termijn het gemiddelde benaderen.

Hou wel rekening met de instapkosten, die verschillen naargelang de bank, en worden afgehouden van het geld dat u in het fonds stort. Daarnaast zijn er ook de beheers- en administratiekosten. Die voelt u niet rechtstreeks, omdat ze mee worden verrekend in de inventariswaarde van het fonds. Maar ze wegen uiteraard wel op het rendement, dus u vergelijkt ook die kosten het best met elkaar.

Op wiens naam?

Net als een spaarrekening kan u ook een fondsenspaarplan afsluiten op de naam van uw kind. Het zijn dan de wettelijke vertegenwoordigers, meestal de ouders, die het plan openen op naam van hun kind. Het kapitaal is dan eigendom van uw kind, dat over het geld kan beschikken vanaf de 18de verjaardag.

Wilt u toch iets meer controle houden, dan kan u kiezen voor een fondsenspaarplan met een derdenbeding. U wijst dan uw kind als begunstigde aan en legt een datum vast waarop het de eigenaar wordt van de effecten. Maar in die tussentijd kan u het geld wel zelf nog opvragen en ook de begunstigde wijzigen.

Welke fondsen?

In de tabel hieronder krijgt u een overzicht van het aanbod bij de verschillende banken, voor welk bedrag u kan storten en wat de instapkosten zijn. De rendementen voor het verleden van de fondsen kan u berekenen via spaargids.be.

spaargids.be

Of het nu gaat om de dagelijkse uitgaven of een goede planning, er zijn zoveel manieren om meer geld over te houden aan het eind van de maand. Alle adviezen vind je hier.

Je cookie instellingen zorgen ervoor dat deze inhoud niet getoond wordt.
Pas je cookie instellingen hier aan.

Lees ook:

Onze energiefactuur loopt alleen maar op: “Laat je niet gijzelen door je leverancier” (+)

Onze financieel expert laat zien hoe je belegt vanuit je luie zetel: trackers volgen alle aandelen op (+)

Het depositofonds staat garant voor 100.000 euro spaargeld per rekening: wat als het toch fout loopt? (+)