Vlaamse werkgevers maken (te) weinig werk van werkbaar werk

Shutterstock
Sinds augustus 2015 weten we dat de wettelijke pensioenleeftijd in 2025 en 2030 telkens met een jaar zal worden verhoogd, tot respectievelijk 66 en 67 jaar. Om die bittere pil wat makkelijker te doen slikken, werd meteen wel beloofd dat nieuwe initiatieven onze jobs ‘werkbaarder’ zouden maken. Draaien die plannen intussen op kruissnelheid of blijft het voorlopig bij mooie, maar helaas nogal lege woorden?

In tegenstelling tot wat je misschien zou verwachten, is ‘werkbaar werk’ helemaal geen recent begrip. In 2004 al benadrukten werkgevers en vakbonden via de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (SERV) dat “langer werken maar kan lukken als dat haalbaar is voor de mensen en als de jobs voldoende kwaliteitsvol zijn”.

Werkbaar werk houdt volgens de SERV in dat je er niet overspannen, ziek of overdreven gestrest van wordt. Bovendien is het boeiend en motiverend, biedt het voldoende leerkansen en is er sprake van een evenwichtige werk-privébalans. Kortom, werkplezier is dé sleutel om fluitend de pensioengerechtigde leeftijd te halen. Werkgevers die werk maken van een aangename werkplek kunnen rekenen op gedreven, competente en productieve medewerkers. Ook kunnen ze hun personeel langer houden en scoren ze beter op het vlak van absenteïsme.

Werkplezier moet de sleutel worden om fluitend de pensioengerechtigde leeftijd te halen.

Die inzichten inspireerden de sociale partners en de Vlaamse Regering in januari 2009 tot het Pact 2020 én de ambitieuze doelstelling om het aandeel mensen met een kwaliteitsvolle, werkbare job jaarlijks met 0,5 procent te laten stijgen. Dat moest tegen 2020 leiden tot een werkbaarheidsgraad van 60 procent (de ‘werkbaarheidsgraad’ is het aandeel van de werkenden dat zo’n kwaliteitsvolle job of werkbaar werk heeft, nvdr).

TipLees onze praktische gids ‘Eerste hulp bij burn-out’.

Lawine aan werkstressklachten

Aanvankelijk wees de driejaarlijkse Vlaamse werkbaarheidsmonitor van de Stichting Innovatie & Arbeid inderdaad op een geleidelijke verbetering. Tussen 2004 en 2013 steeg de werkbaarheidsgraad namelijk van 52,3 naar 54,6 procent. Maar bij de recentste meting, in 2016, vond nog amper 51 procent van de Vlaamse werknemers zijn job echt werkbaar.

Het baarde de SERV vooral zorgen dat ruim één op de drie werknemers duidelijke werkstressklachten had. De Vlaamse sociale partners kondigden dan ook meteen een nieuw actieplan aan.

“Er gebeurt al heel wat rond werkbaar werk. Het komt er nu op aan een versnelling hoger te schakelen en zoveel mogelijk werkenden, bedrijven en sectoren concrete stappen te laten zetten”, luidde het bij monde van Ann Vermorgen, nationaal secretaris van het ACV en toenmalig voorzitter van de SERV, in 2017 in een persbericht.

Dat actieplan ‘Werkbaar Werk’ van de sociale partners (met uitzondering van het Vlaamse ABVV) en de Vlaamse Regering werd exact een jaar later gepresenteerd. Aan de hand van 32 acties en engagementen wou het “sensibiliseren, enthousiasmeren en inspireren om met concrete maatregelen aan de slag te gaan, zodat een echt werkbaarwerkbeleid voor iedereen tastbaar werd”. De meest in het oog springende nieuwigheid was de lancering van de zogenaamde werkbaarheidscheque: sinds 7 mei 2019 kunnen alle werkgevers uit de profitsector een subsidie van maximum 10.000 euro aanvragen om intern de werkbaarheid te scannen en vervolgens onder professionele begeleiding een actieplan op maat uit te werken. De scan moet eventuele knelpunten in kaart brengen en bestaat onder meer uit een werknemersbevraging met een focus op zaken als stress, werk-privébalans, motivatie en leermogelijkheden. Bovenop kunnen kmo’s die het plafond van hun kmo-portefeuille al bereikten nog tot 6 december 2019 een extra steun van 5.000 euro verkrijgen om hun behoefte aan advies en/of opleidingen deels te financieren.

Lees ook: Herstel na burn-out: terugkeer naar de werkvloer verloopt nog niet vlot (genoeg)

Kleine stappen voor een grote sprong voorwaarts

Vlaams minister van Werk Philippe Muyters (N-VA) zag bij de officiële voorstelling van de nieuwe maatregelen alvast een brede waaier aan mogelijke acties: van leiderschapstrainingen over initiatieven om de fitheid van werknemers te verhogen tot telewerk, een duurzamer woon-werkverkeersbeleid en een strijkdienst en kinderopvang binnen de onderneming. Vaak kunnen kleine, praktische maatregelen en tips de werkomstandigheden al gevoelig verbeteren, zo klonk het.

Vier maanden na de start maakten amper 23 organisaties al gebruik van de werkbaarheidscheques.

Helaas lijken de Vlaamse werkgevers die boodschap voorlopig nog niet echt begrepen te hebben. Begin september - dus vier maanden na de start - deden volgens het departement Werk & Sociale Economie van de Vlaamse overheid amper 23 organisaties al een beroep op de werkbaarheidscheques. En slechts twee projecten vroegen een verhoging van de kmo-portefeuille aan. Verwacht wordt dat de interesse de komende maanden wel stilletjesaan zal toenemen.

De werktest

Ook nieuw in mei was de lancering van de website www.dewerktest.be, een poging om de Vlaming actief te laten nadenken over werkbaar werk. Aan de hand van een aantal stellingen krijg je daar een duidelijker beeld van je werksituatie: wat doe je concreet met je talenten en in welke mate leef je echt op van je job? Op basis van je antwoorden formuleert de test een aantal sterktes en mogelijke valkuilen. Vervolgens krijg je zes weken lang tips en tools in je mailbox om je werksituatie te verbeteren. Tot slot werd ook de website www.werkbaarwerk.be grondig vernieuwd. Bedrijven, organisaties, ondernemers en werknemers vinden er meer dan ooit een schat aan info, tools en goede voorbeelden rond werkbaar werk. De zeventien deelthema’s bevatten telkens een ‘train-de-trainer’-luik voor vormingsmedewerkers. Bovendien wordt het bestaande instrumentarium van loopbaanbegeleiding, opleidingsverlof en aanmoedigingspremies bij tijdskrediet en loopbaanonderbreking extra helder toegelicht.

Stuk voor stuk stappen in de goede richting? Het ABVV is voorlopig allerminst onder de indruk. De socialistische vakbond weigerde op 14 december 2018 dan ook als enige sociale partner het actieplan Werkbaar Werk te ondertekenen. Bedrijfsscans en een sensibiliseringscampagne betekenen volgens het ABVV vooral goed nieuws voor consultants en het reclamebureau dat de opdracht heeft binnengehaald. In de praktijk wordt geen enkele job er ook echt werkbaarder door. De vakbond betreurt bovendien dat er rond kinderopvang en mobiliteit - twee stressverhogende factoren waar veel werknemers mee te kampen hebben - vooralsnog geen enkel nieuw initiatief werd genomen.

Zoeken naar een zachte landing

Hoe moet het nu verder? Een aantal bedrijfstakken hebben in de lopende Vlaamse sectorconvenanten acties rond werkbaar werk en werkstresspreventie in de steigers gezet. In de bouw werd dan weer de verlenging bekomen van het SWT-systeem (het voormalige brugpensioen, tot eind juni 2021) en van de eindeloopbanen (tot eind 2020). Veel werknemers hopen hun carrière namelijk nog wat te kunnen rekken door naar het einde toe een aangepast werkregime aan te vragen.

Stijn Baert, arbeidseconoom aan de UGent, wijst er evenwel op dat de federale regering het tijdskrediet eindeloopbaan net minder aantrekkelijk heeft gemaakt: “Onderzoek toonde aan dat dit voor veel mensen vooral een gemakkelijker opstap richting vervroegd pensioen is. Minder gaan werken zet in de praktijk niet aan om tot aan de wettelijke pensioenleeftijd actief te blijven.”

“Minder gaan werken zet in de praktijk niet aan om tot aan de wettelijke pensioenleeftijd actief te blijven.”

Stijn Baert

Een landingsbaan met RVA-uitkering, waarbij een oudere werknemer minder gaat werken of naar een lichtere job overstapt, is dus zeker niet voor iedereen weggelegd. In principe moet je er sowieso al 60 jaar voor zijn. Tot eind 2020 wordt weliswaar eens te meer een uitzondering voorzien voor werknemers met zware beroepen of lange loopbanen en werknemers in ondernemingen in herstructurering of moeilijkheden. Zij kunnen vanaf 55 jaar tijdskrediet krijgen voor een 1/5e vermindering en vanaf 57 jaar voor een ½e vermindering. Daarnaast is er nog het systeem van de zachte landingsbanen. Daar kan je vanaf je 58ste overschakelen naar een minder belastende job en vanaf je 60ste beslissen om minder uren te presteren. Het loonverlies wordt deels gecompenseerd door de werkgever of het Fonds voor Bestaanszekerheid. Voorlopig heeft alleen de metaalsector de zachte landingsbanen in een cao opgenomen. Al volstaat sinds 1 januari 2019 ook in andere sectoren een individuele overeenkomst tussen de medewerker en de werkgever om voor dat statuut te kunnen kiezen.

De zorgsector, tot slot, kent dan weer het systeem van de rimpeldagen. Vanaf hun 42ste hebben medewerkers er recht op extra vrije dagen, zonder dat ze daarvoor loon moeten inleveren. Mogelijk stappen ook andere sectoren in de toekomst over naar dat systeem.

Nieuwe regeringen aan zet

In grote lijnen blijft het dus koffiedik kijken wat de toekomst ons zal brengen. De nieuwe Vlaamse regering lijkt alvast niet van plan om extra in te zetten op werkbaar werk. In de startnota die N-VA in augustus voorlegde aan zijn coalitiepartners werd er nergens expliciet naar verwezen. En verder is het de vraag of de toekomstige federale regering in het kader van een structurele pensioenhervorming het dossier van het halftijdse pensioen weer uit de ijskast zal halen. De regering Michel wou mensen vanaf hun zestigste de kans geven om nog halftijds te blijven werken terwijl ze al de helft van hun pensioenuitkering ontvingen. De koudwatervrees van de sociale partners was evenwel zo groot dat het plan ter elfder ure nog werd afgevoerd.

Tip: In ons e-book rond burn-out, dat we opstelden in samenwerking met Lode Godderis, professor arbeidsgeneeskunde aan de KU Leuven en directeur onderzoek IDEWE, leggen we uit aan de hand van welke symptomen je kan concluderen dat je een burn-out hebt, en wat je vervolgens het beste doet. Download hier het gratis e-book.

Lees ook:

Last van een opgejaagd gevoel op het werk? Zo ga je ermee om

Steeds meer flexi-jobs, maar worden we daar ook beter van?

Terug naar school? Met een arbeidsmarktgerichte opleiding zit je financieel safe

Bronvacature.com.




18 reacties

Alle reacties worden voor publicatie gelezen -en goed- of afgekeurd- door het moderatie-team van HLN. Elke reactie moet voldoen aan deze gedragsregels.
Je naam en voornaam verschijnen bij je reactie.


  • Jef Scheers

    Werkbaar werk. De grap van de eeuw. Integendeel. Met minder mensen meer moeten doen. Pak nu een arbeider. Kan deze niet meer mee en wordt ie ziek kost dat de baas 1 week volle pot, 2de week 85,88% loon en de 3de en 4de week kost ie u nog 25,88% Vanaf de 3de week betaalt het RIZIV u reeds 60% van uw loon. Dus na een maand is die werkgever van u af. Een heel pak goedkoper dat ontslag. En goedkope interims nemen u plek in. Zo werkt het vandaag de dag.

  • Joeri De clercq

    Privé bedrijven zijn veelal uitbuitbedrijven. 16j voor eentje gewerkt( hoe dom kon ik zijn om daar zolang te blijven. Aan minimum loon werken en verder geen investeringen dat verbetering aan u zelf kan zijn. Integendeel zij wel investeren in luxe huizen en buiten verblijven met 3 Tesla’s op den oprit. Maar de 2 heftrucks van 25jaar oud op diesel in het bedrijf dat was geen probleem. Transpaletten van Chinezen brol waar nu mijn knieën van pijn doen. Controle neen hoor hadden lange arm elite..

  • michel grillet

    Als ik hier de commentaren lees,is elk bedrijf een gouden melkkoe.Al iemand zelf eens een bedrijf draaiend proberen te houden???Ik dus wel.En ja,CEO's die hun zakken vullen,daar heb ik het ook niet voor hoor!!!En dsn maar klagen dat we niet tegen onze buurlanden opkunnen

  • Jan hertogs

    De prive is geen staatsbedrijf waar hangmat jobs kunnen worden gecreeed!

  • Venkat Shah

    Ze zouden werkgevers moeten verplichten om thuiswerk toe te laten waar mogelijk. Ikzelf werk bij KBC en sinds begin 2019 mogen wij niet meer thuiswerken van de directie, geheel geldige reden! ... dan maar dagelijks filerijden, kinderen naar de opvang sturen omdat papa meer dan een uur onderweg is en co2 uitstoten.