Kinderen en geld: wat zeg je hen wel en niet?

thinkstock
Vandaag is de Week van het Geld van start gegaan, het geknipte moment om het eens met uw kinderen over geld te hebben. Maar dat betekent niet dat u meteen uw loonbrief op tafel moet leggen, zegt gedragstherapeute Marijke Bisschop.

De meeste ouders hebben het met hun kroost wel eens over geld, maar de meerderheid blijft vaag over het concrete bedrag dat maandelijks op de loonbrief verschijnt. Dat blijkt uit een enquête van de VRT, De Tijd en Wikifin. 60 procent van de kinderen weet niet exact hoeveel zijn ouders verdienen. En dat is prima zo, vindt gedragstherapeute Marijke Bisschop. 

"Ik heb het er een beetje moeilijk mee als kinderen precies weten hoeveel hun ouders verdienen, het moet een beetje discreet blijven. Ze hoeven niet alles tot in detail te weten, maar voor oudere kinderen kun je bijvoorbeeld wel de loonschaal geven waarin je salaris valt. Leg er dan ook bij uit waarom dat zo is, zoals de aard van het beroep of de diploma's die je daarvoor hebt behaald. Bovendien moet je er ook bij vertellen dat er maandelijkse kosten zijn."

"Het is niet zo belangrijk om concreet over je salaris te praten, maar wel om opgroeiende kinderen de notie van geld te leren, anders denken ze dat het geld gewoon uit de boom valt", zegt Bisschop. "Zeker als kinderen naar het middelbaar gaan, hebben ze plots vanalles nodig, en dan is het interessant om hen ook de waarde van geld te leren."

De geknipte manier om dat te doen, is door kinderen zelf een budget te geven. Bisschop pleit ervoor om kinderen vanaf een jaar of 12 te leren omgaan met geld door samen met hen een budget op te stellen. Zo leren ze bijvoorbeeld dat elke dag een broodje kopen op school best veel geld kost.

Je kunt hen ook betrekken bij grote aankopen binnen het gezin, zoals een vakantie. "Geef hen een budget en laat hen mee beslissen wat daarmee mogelijk is. Gaan we kamperen of op hotel? Dat zijn andere budgetten", legt Bisschop uit. 

'Het is niet zo belangrijk om concreet over je salaris te praten, maar wel om opgroeiende kinderen de notie van geld te leren, anders denken ze dat het geld gewoon uit de boom valt'

Marijke Bisschop, gedragstherapeute

Oefening baart kunst

Het is daarbij belangrijk om het kind goed te begeleiden. "Maak duidelijk dat het een kwestie is van oefenen. Laat je kind eens alles opschrijven waar het zijn of haar zakgeld voor zou gebruiken en bekijk nadien of dat budget volstaat", aldus Bisschop. "Zo praat je niet alleen over geld, maar leer je je kind er ook mee omgaan." 

Er moeten wel goede afspraken worden gemaakt. Als ouder moet je duidelijk aangeven waarvoor het geld bedoeld is. "Spreek bijvoorbeeld een bedrag voor het gsm-abonnement af dat je als ouder zal betalen, en maak duidelijk dat alles wat erboven gaat met het zakgeld moet worden betaald."

"Ik ben ervoor kinderen niet te veel te verwennen. Het zakgeld mag niet te veel of te weinig zijn. Daar bestaan tabellen voor die ouders als richtlijn kunnen gebruiken. Maak je kind ook duidelijk dat het niet al zijn zakgeld moet uitgeven, maar dat het ook kan sparen voor een grotere aankoop."

Bisschop raadt aan om het zakgeld wekelijks te geven, omdat het anders meteen op is. "Maar als dat zo is, dan is het zo. Op is op." Hetzelfde geldt voor geld dat wordt gestolen, vindt Bisschop. "Kinderen moeten leren dat er consequenties zijn." Zo moet het voor haar ook perfect kunnen om kinderen met hun zakgeld te laten betalen voor ongelukjes die ze thuis veroorzaken.

Een minder goed idee is het om zakgeld te geven in ruil voor huishoudelijke taken. "Die horen erbij, het mag niet 'voor wat, hoort wat' zijn. Maar als kinderen bijvoorbeeld de auto wassen of het gras afrijden, mag daar best een extraatje tegenover staan. Een extra inspanning mag zeker worden beloond, maar ik vind niet dat kinderen voor elke cent moeten werken", stelt Bisschop.

'Een extra inspanning mag zeker worden beloond, maar ik vind niet dat kinderen voor elke cent moeten werken'

Marijke Bisschop, gedragstherapeute

Krap bij kas

Bij de meeste gezinnen komt er wel eens een moment waarop ze wat krap bij kas zitten, bijvoorbeeld na een echtscheiding. Kleine kinderen vertel je daar best zo weinig mogelijk over, omdat ze dan angstig en bezorgd kunnen worden, stelt Bisschop. Bij iets oudere kinderen kun je vrij realistisch zijn, zonder ze bang te maken. "Je kunt de kosten in grote lijnen schetsen, maar maak hen niet ongerust. Maak duidelijk dat je wel eens nee zult moeten zeggen, maar probeer vooral te focussen op wat wel nog allemaal kan."

"Dat geldt ook voor ouders die het wel breed hebben", benadrukt Bisschop. "Het is niet omdat het allemaal kan, dat het ook hoeft. Kinderen moeten leren dat ze niet alles in de schoot geworpen krijgen."