Hoe 250 miljard noodsteun voor Griekenland vooral Westerse banken rijker maakt

epa
Hoe kan dat? Griekenland heeft van Europa en het IMF al bijna 250 miljard aan noodsteun kregen, en toch zit dat land in de penarie. Volgens de 'Waarheidscommissie' is dat geld vooral de Westerse banken ten goede gekomen, en niet de Grieken in de straat.

Amper 27 miljard euro. Amper een tiende van de totale noodsteun is bij de Griekse bevolking terechtgekomen, zo leert onderzoek. De rest van het geld is vooral naar de banken, zowel Griekse als andere Europese, gevloeid. Dankzij de Europese steun zijn Duitse, Franse en Nederlandse banken zonder al te grote verliezen uit hun Griekse beleggingen gestapt. En tegelijk werden de Griekse banken gered. Het resultaat is wel dat de Griekse schuldenberg grotendeels is verschoven, van de financiële sector naar de Europese instellingen, zoals de ECB en het IMF. Voor een goede verstaander: de belastingbetaler in alle Europese landen.

Intussen wordt op politiek vlak de druk op de Griekse regering opgevoerd. In een zelden geziene videoboodschap heeft Europees president Donald Tusk de Griekse regering gisteravond opgeroepen om te kiezen. Ofwel voor een faillissement ofwel in te gaan op het aanbod van de geldschieters. "Maar op een magische oplossing moet niet gerekend worden", aldus Tusk. De Griekse premier Alexis Tsipras blijft optimistisch. "Er komt een oplossing", verzekerde hij vanuit Rusland.