Crisis dramatisch voor familiebedrijven

UNKNOWN

Zestig procent van de familiebedrijven in Vlaanderen kent een omzet- en winstdaling vergeleken met 2008. De crisis is niet voorbij en evenmin van korte duur. De helft van de familiebedrijven verwacht dat ze de negatieve gevolgen nog tot 2011 en later zullen voelen. Dat blijkt uit een vandaag voorgesteld onderzoek van het Instituut voor het Familiebedrijf (IFB). Zeshonderdvijftig bedrijven namen deel aan de enquête die in september werd uitgevoerd.

640.000 familiebedrijven

Vlaanderen telt circa 640.000 familiebedrijven, goed voor 55 pct van het bbp. In opdracht van het IFB onderzochten de professoren Johan Lambrecht en Vincent Molly (HUBrussel) de impact van de crisis.
Bij één op de drie familiebedrijven blijft de omzetdaling beperkt tot minder dan 10 pct. Bij de ondernemingen met een dalende omzet, kent 19 pct een omzetdaling van meer dan 30 pct. Een derde verwacht een verdere omzetdaling in 2010. Zevenenvijftig pct van de ondernemingen wordt geconfronteerd met een lagere nettowinst: bij één op de drie een winstdaling van meer dan 30 pct. Vier op de tien ondernemingen gingen al over tot ontslagen. Eén op de vijf (21 pct) geeft een daling van het personeelsbestand aan.

Laattijdige betalingen

De crisis laat zich voelen door laattijdige betaling van klanten, scherpere concurrentie en dalende verkoopprijzen. In de toekomst komen daar faillissementen van klanten bij, vrezen de familiebedrijfsleiders. Zij hebben vooral werk gemaakt van kostenbeheersing en klantenopvolging. De crisis heeft ook positieve gevolgen: een lager personeelsverloop en personeel is makkelijker te vinden en te stimuleren.

Ondernemers maken weinig gebruik van waarborg- en andere maatregelen, met uitzondering van uitstel van betaling van de bedrijfsvoorheffing en de economische werkloosheid voor bedienden. Naast een verlenging na medio 2010 van die laatste maatregel, vragen ze vooral een vermindering van de loonkost. (belga/mvdb)