Belgische werknemers zijn het productiefst, maar ook het duurst

REUTERS
België is Europees kampioen inzake arbeidsproductiviteit van de werknemers, maar ook wanneer het aankomt op de kosten per werknemer. Dat blijkt uit het rapport 'Human capital trends in Belgium' van consultant PwC.

België behoort tot de top 4 in West-Europa wat betreft winst per werknemer, maar die daalde sinds 2010 wel met gemiddeld een kwart. PwC benadrukt dat om de Belgische competitiviteit te verbeteren, zowel de salaris- als niet-salariskosten omlaag moeten.

De gemiddelde omzet per werknemer was in 2013 binnen Europa het hoogst in België, met 285.000 euro. Daarna volgden Zwitserland (239.000 euro) en Italië (219.000 euro). Diezelfde landen vormen ook de top 3 inzake kosten per werknemer, met respectievelijk 268.000 euro in België, 219.000 euro in Zwitserland en 214.000 euro in Italië.

Het rendement van het menselijk kapitaal (human capital return on investment of HC ROI) ging, net als de winst per werknemer, de afgelopen jaren achteruit, en dat met gemiddeld 4,7 procent sinds 2010. Dat is volgens PwC het gevolg van de aanhoudende groei van de gemiddelde loonkost en de toename van de niet-salariskost sinds 2009.

"In vergelijking met zijn Europese buren was België nooit de sterkste leerling als het gaat over HC ROI", klinkt het bij PwC. "Op het gebied van HC ROI behoorde België nooit tot de top en in 2013 bengelde het zelfs helemaal achteraan het peloton van West-Europese landen."

Uit het rapport van PwC blijkt voorts nog dat, na een afname met 18 procent tijdens de crisisjaren 2007-2009, de investeringen in opleiding en ontwikkeling van werknemers de voorbije jaren geleidelijk aan omhoog gingen in België (+16,6 procent in 2013). Dit in tegenstelling tot de rest van West-Europa, waar er een gestage daling was (-25 procent sinds 2009). In 2013 lag België nog amper 4 procent onder de West-Europese mediaan, daar waar het verschil in opleiding en ontwikkeling voordien een stuk groter was.

Belgische arbeidsmarkt met 3,9 procent gekrompen sinds 2008

De Belgische arbeidsmarkt is nog steeds niet volledig hersteld van de crisis, zo waarschuwt PwC. Het aantal voltijdse jobs is sinds 2008 gedaald met 3,9 procent en de Belgische bedrijven blijven bovendien voorzichtig bij het rekruteren. Het aantal deeltijdse arbeidsovereenkomsten nam sinds 2006 dan weer toe met 33,9 procent.

"Tijdens en na een economische crisis volgen veel bedrijven een voorspelbaar patroon", zegt Peter De Bley van PwC. "Eerst besparen ze op opleiding, snoeien ze in het personeelsbestand en beknibbelen ze op de lonen. Nadien volgt een rekruteringsrace om hun gedecimeerde personeelsbestand opnieuw te versterken, waardoor de talenten en jobs minder goed op elkaar afgestemd zijn."

Vooral in de chemiesector (-13,8 procent) en de technische sector en productiebedrijven (-13,2 procent) daalde de voltijdse tewerkstelling. In de farmaceutische sector (+13,4 procent) en retail en ontspanning (+8,0 procent) waren er dan weer toenames van de voltijdse tewerkstelling.

Het aantal werknemers dat door de werkgever ontslagen werd steeg in de periode van 2011 tot 2013 met 13,7 procent, het aantal werknemers dat in die periode zelf ontslag nam daalde met 12,8 procent.

Sinds 2006 nam het aantal deeltijdse arbeidsovereenkomsten met 33,9 procent toe. "Kortlopende contracten zijn een buffer en bieden bedrijven de kans om flexibel te blijven wanneer de economie slabakt", zegt Marjan Verbeeck van PwC.

Tijdens en na een economische crisis volgen veel bedrijven een voorspelbaar patroon. Eerst besparen ze op opleiding, snoeien ze in het personeelsbestand en beknibbelen ze op de lonen. Nadien volgt een rekruteringsrace

Peter De Bley, PwC