Arbeidskost in België sterkst gedaald van alle OESO-landen

De arbeidskost per eenheid product is in de eerste drie maanden van het jaar gedaald met 1,1 procent.
PHOTO_NEWS De arbeidskost per eenheid product is in de eerste drie maanden van het jaar gedaald met 1,1 procent.
De effecten van de loonmatiging in ons land beginnen zich duidelijk af te tekenen. Cijfers van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) tonen aan dat de arbeidskost per eenheid product in de eerste drie maanden van 2015 in België met 1,1 procent is gedaald tegenover het vorige kwartaal: de sterkste daling van alle OESO-landen.

Met de arbeidskost per eenheid product wordt de loonkost per werknemer bedoeld, afgezet tegen de productiviteit. Die arbeidskost per eenheid product daalde in België in de eerste drie maanden van het jaar met 1,1 procent tegenover de laatste drie maanden van vorig jaar, waarmee België de sterkste daling van alle OESO-landen kent.

De daling is een gevolg van de dalende loonkost in ons land én de gestegen productiviteit in het eerste kwartaal. Het grootste effect komt evenwel van de loonmatiging. Het interprofessioneel akkoord voorziet voor 2015 immers geen bruto loonsverhogingen. Ook de inflatie was erg laag, zodat de automatische indexering amper iets opleverde. De indexsprong was in het eerste kwartaal nog niet van toepassing.

Voor het Verbond van Belgische Ondernemingen (VBO) betekenen de dalende arbeidskostcijfers positief nieuws. "Het is een eerste stap in de goede richting om de loonhandicap weg te werken", aldus hoofdeconoom Edward Roosens. "De weg is evenwel nog lang", stelt de hoofdeconoom, verwijzend naar de historische handicap van 15,5 procent.

'Dit is een eerste stap in de goede richting om de loonhandicap weg te werken'

Edward Roosens, hoofdeconoom VBO

Noodzaak van een taxshift

De OESO grijpt de dalende arbeidskost in België aan om te blijven hameren op de noodzaak van een taxshift. "De dalende arbeidskost betekent dat de Belgische competitiviteit wel licht verbetert, maar de loonmatiging moet blijvend aangehouden worden. Een taxshift kan helpen bij het verder verlagen van de kost van arbeid en het verbeteren van de concurrentiepositie van België en het verhogen van de werkgelegenheidsgraad", aldus Bert Brys, senior tax economist bij de OESO.

Concreet schuift de OESO een verlaging van de werkgeversbijdrage naar voor om de arbeidskost verder te verlagen. Dat kan dan weer worden gecompenseerd door onder meer milieubelastingen, een hogere onroerende voorheffing en een verhoging van de belasting op de opbrengst van sparen door gezinnen inclusief de introductie van een vermogenswinstbelasting. Dat zou evenwel niet volstaan als compensatie. Daarom is een verbreding nodig van de btw-grondslag, oordeelt Brys. "Meer producten en diensten moeten worden belast aan het standaard btw-tarief en dus niet langer aan een verminderd tarief."

Dergelijke verbreding van het btw-tarief betekent een daling van de koopkracht. Dat mag volgens de OESO niet leiden tot hogere looneisen, want dan worden alle inspanningen om de loonlast te verlagen weer teniet gedaan. Brys adviseert als compensatie een "beperkte" verlaging van de werknemersbijdrage én een verhoging van de uitkeringen voor zieken en gepensioneerden. De huidige belastingvrijstelling van 1.250 euro voor interest en dividenden zou kunnen worden uitgebreid naar alle soorten spaarinkomen. "Op die manier komt de taxshift iedereen ten goede."

Een verbreding van het btw-tarief betekent een daling van de koopkracht. Een beperkte verlaging van de werknemersbijdrage en een verhoging van de uitkeringen voor zieken en gepensioneerden kunnen dat compenseren

Kris Peeters: "Loonmatiging wordt aangehouden"

In een reactie op het OESO-rapport zegt minister van Werk en Economie Kris Peeters (CD&V) vast van plan te zijn de Belgische loonkostenhandicap tegenover de buurlanden verder terug te dringen. "De loonmatiging wordt aangehouden", zegt Peeters. "Vorige week bleek reeds uit cijfers van Eurostat dat België zijn loonkostenhandicap op de buurlanden verkleint. Het is goed om vast te stellen dat de OESO deze tendens nu bevestigt."

Peeters wil in de komende jaren ook de resterende procenten wegwerken. "Want de loonmatiging wordt aangehouden en daarbovenop zal de indexsprong goed zijn voor een verdere verlaging van de loonkosten met 2,7 miljard euro. Samen met de bestaande niet-doorstorting van 1 procent bedrijfsvoorheffing, moet dit leiden tot een daling van de patronale bijdragen. De ambitie is het basistarief te laten zakken naar 25 procent, waar dit vandaag nog 32 procent is."

Minister van Werk Kris Peeters.
PHOTO_NEWS Minister van Werk Kris Peeters.