Exclusief voor abonnees

Alles over ons nieuw eetgedrag: wat eten we nu meer, wat eten we minder, van welke voeding hebben we straks te veel, en van wat te weinig?

Eieren +100 procent, alcohol +20 procent: forse verschuivingen in onze winkelkar

Illustratiefoto.
BELGA Illustratiefoto.
We gaan minder naar de supermarkt. Normaal twee à drie keer per week. Nu nog één keer. Maar we kopen veel meer. Met een boodschappenlijstje voor de hele week in de hand, slepen we meer verse producten aan dan gewoonlijk. En dan trekken we onze keukens in. Schaarste is er niet. De wereldwijde voedselhandel houdt stand. Toch dreigt veel te veranderen, want er is te veel vlees om in te vriezen, en Franse vissers gooien nu al gevangen vis terug overboord. Waar dreigen we te veel van te hebben, en van wat te weinig?

Er zijn zeer forse verschuivingen in wat in onze caddy belandt, zo merken ze bij Delhaize. Meer alcohol (+20 procent) om te beginnen. Niet dat we dronkaards geworden zijn, maar de café’s zijn nu eenmaal dicht. Pils (+10 procent), zwaardere bieren (+20 procent) en vooral rosé (+30 procent) doen het goed. Net als de “bag-in-box”, wijn in een doos (+25 procent). Je hebt meer voor dezelfde prijs, het is makkelijk transporteerbaar en je hoeft niet om de haverklap naar de glasbol. Opvallend, de gemiddelde aankoopprijs van een fles wijn ligt iets hoger. Gewoonlijk schommelt die bij Delhaize ergens tussen de 5 à 6 euro, nu eerder tussen 8 à 9. Bij de alcoholvrije bieren is er geen stijging. Champagne en cava zijn minder populair (-10 à 20 procent). Er zijn nu eenmaal minder gelegenheden om te feesten. 

Wat we nog aanzienlijk minder consumeren zijn bereide maaltijden, broodjes, snacks, wraps en voorgesneden fruitsalades (dalingen tot – 50 procent), net als koekjes en snoep. “Eigenlijk alles wat je kan meenemen en direct opeten”, zegt Roel Dekelver van Delhaize. “Het woon-werkverkeer is grotendeels stilgevallen en de kinderen gingen wekenlang niet meer naar school.”

In bepaalde weken verzette Delhaize 1 miljoen kilo bloem in plaats van 300.000 kilo normaal, een stijging met meer dan 300 procent.

Drie maaltijden thuis voor alle leden van het gezin, betekent dat we thuis (terug) massaal aan het koken zijn geslagen. En aan het bakken. Dat valt te zien aan de meerverkoop van eieren (tot +100 procent), melk (+19 procent), boter (+30 procent), gist (+170 procent), bladerdeeg (+45 procent). In bepaalde weken verzette Delhaize 1 miljoen kilo bloem in plaats van 300.000 kilo normaal, een stijging met meer dan 300 procent! 

In de afdeling groenten en fruit valt ook forse groei te noteren, maar die is toch iets minder spectaculair (+20 à 25 procent). In het begin van de lockdown werd wel heel veel (tot +50 procent) diepvries verkocht: vooral groenten, soep en frieten. “Dat is nu afgenomen, omdat snel duidelijk werd dat hamsteren niet nodig was”, zegt Dekelver. “Idem voor voeding in blik. Dat kende een revival in de laatste weken van maart en begin april. Vandaag ligt het nog altijd hoger dan normaal, maar het is weer wat gedaald.” Vlees en vis, tenslotte gaat zo’n 10 à 15 procent meer over de toonbank.

Illustratiefoto.
BELGA Illustratiefoto.

Hoeve-verkoop

Volgens een studie van McKinsey naar het gedrag van consumenten in tijden van Covid-19, ruilden 15 procent van de Belgen de winkel of supermarkt waar ze normaal hun inkopen doen in voor een alternatief. Vooral om het daar minder druk was. Zo deed 9 procent hun inkopen in winkels waar ze voordien nooit kwamen. De helft van hen denkt er klant te blijven. “Er zijn al langer tekenen dat mensen op een andere manier hun producten gaan zoeken”, zegt Dekelver. “Hoeve-verkoop bijvoorbeeld is in opmars. Maar het is heel moeilijk om dat in de cijfers vast te stellen. Wij zijn op dat vlak ook een wat atypische retailer. Wij bieden zelf veel van dat soort producten aan.”

Waar ze die evolutie wel heel goed merken, is in de zogenaamde “korte keten” zelf. Bij boeren die thuis hun waren aan de man brengen. Die zien hun verkoop soms verviervoudigen. Of bij initiatieven zoals “Boeren & Buren”, een netwerk dat lokale producenten en consumenten samenbrengt en net in deze bijzondere tijd zijn vijfde verjaardag viert. “In de eerste week van de lockdown zagen we vijfmaal meer nieuwe klanten dan gewoonlijk”, zegt Wannes De Jonghe. “Vorige week dertien keer zoveel. We hebben nu de kaap gerond van meer dan 9.000 bestellingen in één week.” 

Het systeem is vrij eenvoudig. Via de website of de app plaats je rechtstreeks je bestellingen bij lokale boeren. Eenmaal per week haal je die op in een vaste locatie in de buurt, de Buurderij. “Onze nieuwe klanten zeggen dat ze onze manier van werken in Covid-19-tijden ‘veiliger’ vinden, omdat er minder contacten zijn dan in de supermarkt en dat ze de lokale boeren willen steunen.” De boeren leven en werken gemiddeld op 16 kilometer van de Buurderij waar ze leveren.

Illustratiebeeld.
rv Illustratiebeeld.

Het kan natuurlijk nog altijd korter. Uit de eigen moestuin. Een klein kwart (23,8 procent) van de deelnemers aan de “CoronaCookingSurvey” van de Universiteit van Antwerpen geeft aan gedeeltelijk zelfvoorzienend te zijn. Welgeteld 8,2 procent van hen zijn pas de afgelopen weken beginnen spitten en verpotten. Uit de eigen tuin komen vooral kruiden (85 procent), groenten (56,7 procent) en fruit (46,1 procent). Wie een moestuin heeft, houdt doorgaans (50,6 procent) ook kippen. De redenen waarom we zelf aan het tuinieren slaan, is omdat “het kwaliteitsproducten oplevert” en “duurzaam” is. Het is ook een (kleine) besparing op het familiebudget: een kleine 100 euro voor een moestuin van 10 vierkante meter, berekende de Franse online-vergelijker Ooreka.

In sombere tijden in de vorige eeuw was tuinieren voor onze (over)grootouders barre noodzaak. Omdat voedsel gerantsoeneerd was en de zwarte markt voor velen onbetaalbaar. Zo’n vaart loopt het vandaag niet. En supermarktketens, grote voedingsbedrijven en regeringen doen er alles aan om die vage onrust over de voedselbevoorrading weg te nemen. We hebben zo al zorgen genoeg. 

“Op het hoogtepunt van de hamsterwoede hebben we even wat aanvoerproblemen gehad”, geeft Roel Dekelver van Delhaize toe. “Maar zeer snel hebben wij samen met onze leveranciers oplossingen gevonden. De gestegen vraag heeft ook geen impact gehad op de prijs. Er is meer op de markt, door het sluiten van de horeca. Het mooie weer maakte ook dat we veel Belgische volumes konden aanbieden. Daarvoor hebben wij vaste contracten met vaste leveranciers en moeten we de markt niet afschuimen. Op een zakencijfer van 5 miljard kopen wij 60 procent aan in België, een mooie toegevoegde waarde voor Belgische landbouw.”

“Op het hoogtepunt van de hamsterwoede hebben we even wat aanvoerproblemen gehad”, geeft Roel Dekelver van Delhaize toe.
BELGA “Op het hoogtepunt van de hamsterwoede hebben we even wat aanvoerproblemen gehad”, geeft Roel Dekelver van Delhaize toe.

Exportverbod

Toch moeten er enkele kanttekeningen bij die geruststellende woorden. De eerste die aan de alarmbel trokken waren de VN en WHO, op 31 maart. “De onzekerheid over de beschikbaarheid van voedsel kan leiden tot een golf van exportbeperkingen. Die kunnen op hun beurt tekorten veroorzaken op de wereldvoedselmarkt.” De inkt van dat communiqué was nog niet droog of Rusland liet weten dat het de export van tarwe, rogge, gerst en maïs zou inperken tot 7 miljoen ton. Normaal voert het land meer dan een derde van zijn jaarproductie (120 miljoen ton) uit. Die grens van 7 miljoen is ondertussen al bereikt en nu geldt een exportverbod. Indië tekende tezelfdertijd geen nieuwe rijstcontracten, omdat er — door een gebrek aan handen om te oogsten — gevreesd werd voor tekorten op de thuismarkt. Vietnam volgde. Er zijn in de wereld maar een vijftal landen die meer rijst produceren dan ze zelf opeten.

Zorgelijk? Beetje toch. Onze voedselvoorziening ontsnapte de voorbije twee decennia niet aan de algehele trend van de globalisering. Daar zaten een aantal voordelen aan. De liefhebbers van aardbeien, vleestomaten en groene boontjes kunnen die het hele jaar door — vers maar redelijk smaakloos: ‘elk voordeel heb ze nadeel’ — verkrijgen. En de honger in de wereld nam af. “Het klinkt misschien vreemd maar ons voedselsysteem is efficiënt omdat we voedsel produceren op die plaatsen die er het meest geschikt voor zijn. De internationale handel brengt inderdaad voedselkilometers met zich mee. Maar dat nadeel weegt niet op tegen het voordeel van efficiënt bodemgebruik”, schreven een aantal landbouwwetenschappers van de KU Leuven vorige week op de opiniewebsite van Knack.

De beste en duurste stukjes (runds)vlees vinden doorgaans hun weg naar restaurants. Nu niet.
Getty Images/Cultura RF De beste en duurste stukjes (runds)vlees vinden doorgaans hun weg naar restaurants. Nu niet.

Gevolg van die “specialisatie” was wel dat steeds meer landen — ook traditionele landbouwnaties en grote uitvoerders zoals Spanje en Frankrijk — vandaag afhangen van import van voedsel. De “food import dependency rate”, een formule die aangeeft hoe afhankelijk een land is van import om aan alle voedselbehoeften te voldoen, is zowat overal gestegen. Uitzonderingen op die regel zijn Rusland, Brazilië, Argentinië en Indonesië. Die onderlinge afhankelijk is echter niet het grootste probleem. Er zijn andere uitdagingen. Transport bijvoorbeeld. Veel van het wereldwijde vervoer van “bederfbare waren” gebeurt in de bagageruimte van lijnvluchten. Die zijn er nauwelijks of niet meer. Tekort aan opslagruimte is een ander heikel punt. Voor vlees bijvoorbeeld. De beste en duurste stukjes (runds)vlees vinden doorgaans hun weg naar restaurants. Nu niet. Maar de dieren moeten wel geslacht. Omdat ze een zekere leeftijd bereikt hebben en om de aanvoer van de andere en minder dure stukken vlees op peil te houden. Dus moet er ingevroren worden. Agro Merchants – wereldleider in vriescapaciteit — zegt dat de vleesopslag momenteel zo goed als vol zit.

De afgelopen weken kieperden Franse vissers tot twee derde van hun vangst terug in zee. Op de veilingen in Zeebrugge en Oostende zijn de prijzen gekelderd.

Het stilvallen van restaurants, eethuizen en kantines is ook voor andere sectoren een probleem. In normale tijden zijn ze goed voor ongeveer één derde van de calorieën die we binnen spelen. Nu eten we thuis. Ongetwijfeld evenveel. Maar niet hetzelfde als op restaurant. De visserij lijdt daar onder. Traditioneel zijn restaurants grote visafnemers. Daarnaast wordt heel wat vis verkocht op markten en geëxporteerd. Dit alles ligt nu plat. Gevolg? De afgelopen weken kieperden Franse vissers tot twee derde van hun vangst terug in zee. Op de veilingen in Zeebrugge en Oostende zijn de prijzen gekelderd. De Rederscentrale spreekt van dalingen tot 50 procent. De Vlaamse regering gaat een deel van de Belgische vissersvloot — nog 69 schepen — tijdelijk gesubsidieerd stil leggen. Europa laat dat toe in extreme omstandigheden.

Idem voor de aardappelbranche. Ons land is marktleider in de productie en export van diepgevroren aardappelproducten. Helaas is de consumptie wereldwijd in enkele weken met meer dan 40 procent gedaald. Frietjes staan nu eenmaal vaker op het menu op restaurant, bij de hamburgerketen en in de kantine dan thuis. De aardappelen gerooid in de herfst van 2019 kunnen maximaal bewaard kunnen worden tot in de zomer 2020. Van de aardappelvariëteiten Fontane en Innovator — grondstof voor diepvriesfrietjes — zullen in België zo’n 750.000 ton niet verwerkt kunnen worden. Want ook hier zit er geen eindeloze rek op de invriescapaciteit. In de hele EU wordt de schade geraamd op 400 miljoen euro.

Drie addertjes onder het gras

Lastig allemaal voor wie in deze sectoren actief is. Maar in het rijke westen ontstaat hierdoor niet meteen hongersnood. Toch zijn we best ook hier op onze hoede. Er schuilen namelijk een drietal addertjes onder het gras. 

Een eerste gevaar van de huidige situatie is dat landbouwers minder gaan produceren. Omdat ze — zie bijvoorbeeld de visserij — geen correcte prijs meer krijgen. Of omdat er onvoldoende arbeidskrachten zijn om te oogsten. In Spanje — grote exporteur van groenten en fruit — doet men doorgaans een beroep op Oost-Europeanen, Marokkanen en Zuid-Amerikanen. Onze nationale groenten en fruitsector draait grotendeels op Oost-Europeanen, net als de Franse. Door de Covid-maatregelen is er een schrijnend tekort aan ervaren handen om te oogsten. Het Franse ministerie van Landbouw heeft dat proberen op te lossen met een nationale wervingscampagne. Er schreven zich 200.000 vrijwilligers in. Zo’n 15.000 daagden op. Boeren die zagen hoe deze “amateurs” aardbeien “oogstten” maakten daar snel een einde aan. Meer verlies dan ze gewoon laten rotten op het veld. Vele nieuwelingen gaven het ook snel op. Het is hard werk.

Aardbeien uit Wépion. "Het mooie weer maakte ook dat we veel Belgische groenten en fruit konden aanbieden", zegt Roel Dekelver van Delhaize. In Wépion kwamen de telers wel handen tekort om te oogsten.
Photo News Aardbeien uit Wépion. "Het mooie weer maakte ook dat we veel Belgische groenten en fruit konden aanbieden", zegt Roel Dekelver van Delhaize. In Wépion kwamen de telers wel handen tekort om te oogsten.

Tweede en deels hierbij aansluitend probleem is van financiële aard. Veel landbouwondernemingen hebben zeer zware lasten en langlopende leningen. Een EU-rapport uit 2019 becijfert dat een derde van de Belgische boeren en bijna de helft van de Franse het jaar voordien een lening aanging bij de bank. Er hoeft dus niet veel mis te gaan. De hele wereldwijde voedselketen is bovendien een sector die “gesmeerd” wordt door een systeem van korte-termijnleningen. In een onzekere tijd waarin banken twee keer zullen nadenken voor ze geld lenen, schuilt ook hier een gevaar.

Tenslotte valt te hopen dat niet meer landen landen in een kramp schieten en extra reserves aanleggen of de export stil leggen. Dat leidt tot hamsteren en prijsstijgingen. Dat laatste zou een ramp betekenen voor de armere landen die netto-voedsel-importeurs zijn. Vele zagen hun munt de afgelopen weken onder druk staan. Voedselinflatie kunnen ze nu minder dan ooit aan. De Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) van de VN berekende dat het aantal ondervoeden er dit jaar zal stijgen met 14,4 à 80,3 miljoen, al naargelang of de wereldeconomie met 2 procent of 10 procent achteruit gaat. Die extra hongerlijders komen bovenop de 820 miljoen mensen die nu al te kort hebben. Het aantal mensen op het randje van de honger zou verdubbelen van 135 miljoen naar 265 miljoen.

Lees ook: Winkelkar nooit zo duur door promoverbod dat niet nodig was (+)




7 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • Lydia Appelmans

    Tegenwoordig zijn er meer experten dan andere mensen

  • kapitein zeppos

    Dat moet iedereen voor zichzelf uitmaken ! En overdaad schaadt de gezondheid altijd !

  • etienne bies

    Alcohol +20% valt nogal mee gezien de horeca gesloten is.

  • Emi De graeve

    Ik heb alles in huis en winkel slechts drie keer per maand. Dat is een grote besparing in tijd en verplaatsingen. Winkels die elke dag met een speciale promotie uitpakken... daar laat ik me niet aan vangen. :-)

  • pol van de velde

    Verspilling in naam van de steeds verplicht stijgende economie. Het gevolg is dat er drie keer meer voedsel geteeld wordt dan er gegeten wordt. Overvloed is het modewoord van de financiële wereld, want zonder die verspilling werken de financiële markten niet volgens een vooraf bepaald stramien. De kleintjes moeten nog steeds de groten voeden, ook met geld.