"Woningmarkt discrimineert allochtonen, armen en blinden"

photo_news
Mensen van vreemde origine, personen met een laag inkomen en blinden en slechtzienden worden het vaakst gediscrimineerd op de private woningmarkt. Dat blijkt uit een onderzoek van het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding (CGKR).

Het Centrum opende vorig jaar 115 dossiers na meldingen van discriminatie bij huisvesting. Daarnaast liet het Centrum een onderzoek met testpersonen uitvoeren. Testkandidaten van vreemde origine werden tijdens hun bezoek aan een woning minder goed behandeld, luidt de conclusie van dat project. Ze moesten ook meer documenten voorleggen om te bewijzen dat ze solvabel waren. Blinde testkandidaten werden vaker welwillend behandeld, maar werden soms wel afgewimpeld met extra kosten of hoge borgsommen.

De vastgoedmakelaars komen niet positief uit het onderzoek. Uit de tests blijkt dat 42 procent van hen ingaat op het verzoek van verhuurders om 'vreemdelingen' te weigeren en dat 61 procent van hen ingaat op het verzoek om werklozen te weren. Slechts een kleine groep makelaars weigert uitdrukkelijk om op discriminatieverzoeken in te gaan: 14 procent wanneer het gaat om mensen van vreemde origine en 7 procent wanneer het gaat om werklozen.

Inspanningen leveren
"Het is aan de sector om zijn inspanningen op vlak van zelfregulering en bewustmaking voort te zetten", zegt Jozef De Witte, directeur van het Centrum. "De impact van de positieve initiatieven die het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars al jaren neemt, in samenwerking met het Centrum, is nog te klein." De regionalisering van de bevoegdheden is volgens het Centrum een uitgelezen kans om het beleid te vernieuwen.

Op de sociale woningmarkt moet het aanbod volgens het onderzoek vooral worden uitgebreid en vereenvoudigd. "Het gebrek aan sociale woningen vergroot de kwetsbaarheid van gezinnen die nu al op argwanende privéverhuurders aangewezen zijn."

Sancties
Het Minderhedenforum vraagt sancties op Vlaams niveau, naar aanleiding van het onderzoek van het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding. "Discriminatie is een misdrijf. Op het overtreden van die regel staat een straf, dat moet snel duidelijk worden", reageert Naima Charkaoui, directeur van het Minderhedenforum.

De organisatie vindt dat de Wooninspectie een prominentere rol moet spelen in de strijd tegen discriminatie. "Geef de Wooninspectie specifieke bevoegdheden en onderzoeksinstrumenten om discriminatie zowel reactief als proactief op te sporen en te verbaliseren. Na de regionalisering van de private huurwetgeving is dit een taak voor de volgende minister van Wonen", vindt het forum.

"Geen goed resultaat"
"Dit is geen goed resultaat." Dat zegt Luc Machon, eerste ondervoorzitter van het Beroepsinstituut van Vastgoedmakelaars (BIV), in een reactie. "We zijn tegen discriminatie, maar dat mag niet verhinderen dat makelaars een selectie moeten kunnen maken", reageert de Confederatie van Immobiliënberoepen (CIB) op haar beurt.

CIB, de beroepsvereniging van de vastgoedmakelaars, keurt elke vorm van discriminatie af, maar wijst erop dat de makelaar ook een handelaar is die niet graag klanten ziet vertrekken. "We mogen de makelaar niet stigmatiseren, het is nog steeds de eigenaar die de vraag stelt", is te horen bij de confederatie. "De voornaamste selectie van een huurder of koper wordt gemaakt op basis van solvabiliteit. Op basis daarvan alle werklozen gaan discrimineren is natuurlijk fout."

Het BIV, het controle-orgaan van de sector, wil bekijken of een opleiding rond anti-discriminatie kan worden opgelegd. Momenteel moeten makelaars elk jaar verplicht tien uur opleiding volgen, maar ze mogen zelf het onderwerp kiezen. "Een makelaar die begint aan zijn stage wordt wel bevraagd over de wetgeving", zegt Luc Machon van het BIV. "Ook bij de proef aan het einde van de stage wordt gepeild naar de kennis van de anti-discriminatiewetten."