Exclusief voor abonnees

Sparen, verzekeren of toch beleggen? Zo verzeker je je van voldoende inkomen na je pensioen

Beeld ter illustratie.
Shutterstock Beeld ter illustratie.
De Belg is een notoire spaarder. Deels uit noodzaak, want het wettelijk pensioen alleen zal voor de meesten onder ons niet volstaan om van een mooie oude dag te kunnen genieten. Maar wat is nu eigenlijk de beste of eenvoudigste manier om voor je pensioen te sparen? En wanneer heb je genoeg bij elkaar gespaard om de gevreesde inkomensdaling op te vangen? Onze expert legt het uit.

Voor een raming van je toekomstig pensioen kan je terecht op de website mypension.be. Die baseert zich daarvoor op je huidige loon en veronderstelt dat je tot aan de pensioenleeftijd in hetzelfde systeem blijft werken als vandaag (deeltijds of voltijds, als werknemer, zelfstandige of ambtenaar). Dat maakt die schatting minder betrouwbaar voor wie nog maar net begonnen is met werken. Maar voor wie op een zucht van zijn pensioen staat, is het zeker een interessante, nuttige oefening.

Wettelijk pensioen volstaat niet

Wat de uitkomst ook is, je wettelijk pensioen zal in de regel een stuk lager uitvallen dan je laatste loon. Om je koopkracht tijdens je pensioen te vrijwaren en min of meer dezelfde levensstandaard aan te houden, moet je die financiële kloof dus zien te dichten. HR-expert Mercer berekende enkele jaren geleden al dat een Belgische bediende daarvoor minstens 265.000 euro opzij moest zetten, wat toen neerkwam op 85 maal het laatste nettomaandloon.

Je pensioen opbouwen via verschillende pensioenpijlers blijft dan ook de boodschap. Idealiter dik je je wettelijk pensioen (eerste pijler) aan met een aanvullend bedrijfspensioen (tweede pijler), met een individuele levensverzekering onder de vorm van pensioensparen of langetermijnsparen (derde pijler) en met sparen zonder fiscaal voordeel (vierde pijler).

Aanvullend pensioen

Een pensioenspaarpotje aanleggen voor later kan onder meer via het aanvullende bedrijfspensioen of de zogenoemde groepsverzekering. In het kader van zo’n collectief pensioenplan houdt je werkgever een deel van je loon in, dat hij vervolgens investeert in een pensioenfonds, of stort hij zelf een bepaald bedrag in dat pensioenfonds.

Bouw je (nog) geen of een laag aanvullend pensioen op via je werkgever, dan kan je voortaan als loontrekkende of contractueel ambtenaar ook zelf zo’n spaarpotje aanleggen: het Vrij Aanvullend Pensioen voor Werknemers (VAPW). Een werkgeversbijdrage moet je dan wel missen. Zelfstandigen konden dat overigens al langer via het Vrij Aanvullend Pensioen voor Zelfstandigen (VAPZ). De premies die je voor het VAPW betaalt, leveren een fiscaal voordeel van 30% op. Dat voordeel geldt uiteraard ook voor wie bijdraagt aan het bedrijfspensioen dat zijn werkgever aanbiedt.

Pensioen- en langetermijnsparen

Ook via de pijler van de individuele levensverzekering kan je zelf elk jaar een bepaald bedrag opzijzetten. Dat kan zowel onder de vorm van pensioensparen als langetermijnsparen. Beide stelsels leveren fiscale voordelen op. Zo geniet je een belastingvermindering van 25% of 30% van de gestorte premies bij pensioensparen en 30% bij langetermijnsparen. Beide stelsels zijn bovendien cumuleerbaar, ook met de persoonlijke bijdragen betaald in het kader van een groepsverzekering.

Langetermijnsparen doe je via een tak 21-levensverzekeringscontract met een gegarandeerde rente en een eventuele winstdeelname of via een meer risicovolle tak 23-beleggingsverzekering. Om recht te hebben op enig fiscaal voordeel, moet je levensverzekering een looptijd hebben van minstens tien jaar en voor je 67ste zijn afgesloten. Velen maken gebruik van dit stelsel om na het afbetalen van de woning het weggevallen fiscale voordeel te compenseren. Bovendien kan je ook na je 67ste nog van het fiscale voordeel van langetermijnsparen blijven genieten, wat bij pensioensparen niet het geval is.

Pensioensparen kan via een pensioenspaarfonds, wat een hoger risico met zich meebrengt, of via een pensioenspaarverzekering. Die laatste kan de vorm aannemen van een veilig tak 21-product, een meer risicovol tak 23-product of een tak44-product dat beide opties combineert. Voor de fiscale marge van het pensioensparen heb je de keuze tussen twee plafonds voor het inkomstenjaar 2020 (aanslagjaar 2019): een basisbedrag van 990 euro of een verhoogd bedrag van 1270 euro. Daarbij geniet je een fiscaal voordeel van respectievelijk 30% (297 euro) en 25% (317,5 euro).

Sparen zonder fiscaal voordeel

Om (extra) geld opzij te zetten voor later, kan je ten slotte ook nog grijpen naar het spaarboekje of andere spaar- en beleggingsformules. Kies je voor een traditioneel spaarboekje, dan moet je je vandaag meestal tevredenstellen met een rendement van amper 0,11%. Daarom loont het de moeite om ook alternatieve spaarformules met een hogere opbrengst te bestuderen. Dat kunnen hoogrentende spaarboekjes zijn, zoals met name de internetbanken die aanbieden, maar ook spaarabonnementen, spaarverzekeringen en beleggingen in obligaties en aandelen.

Of het nu gaat om de dagelijkse uitgaven of een goede planning, er zijn zoveel manieren om meer geld over te houden aan het eind van de maand. Alle adviezen vind je hier.

Met de auto, fiets of openbaar vervoer naar het werk? Op deze vergoedingen heb je vandaag al recht

De meest interessante investeringen volgens beleggingsexperts: deze aandelen moeten 2020 doen blinken

‘Slapend rijk’ door te investeren in vastgoed? Dit brengt verhuren echt op




6 reacties

Alle reacties zijn welkom zolang ze voldoen aan de do's en don'ts die je hier kan terugvinden: gedragsregels. Elke dag ontvangen wij duizenden reacties, het kan enkele uren duren voor jouw reactie wordt geplaatst. Wordt jouw reactie afgekeurd dan werd er geoordeeld dat deze onze gedragsregels schendt.


  • Elise Van Damme

    Ik leef nu, en kom ik niet meer toe later zal de overheid mij mogen helpen, zoveel is zeker!

  • Theo Striem

    Mijn bedrijf deed aan pensioensparen met een deel van mijn loon Deze maand de opdoffer gekregen 35% was voor vader staat Dat geld was afgetrokken van mijn netto Dus ik betaal twee keer

  • wim rooyakkers

    En heb je een goed pensioen, dan weet de Belgische belasting daar wel raad mee.

  • Raoul Rouma

    Zolang het groot kapitaal beheerd word door banken en verzekeringsmaatschappijen die de waarde kunstmatig blijven bepalen zal de burger steeds het gelach moeten betalen. De grote bedrijven zullen/kunnen schuiven met hun kapitaal en de meest gunstige beleggingen kunnen doen en aldus de waarde mede bepalen. Als kleine belegger moet je dit allemaal ondergaan dus...

  • Karin Vermeulen

    Spaarboekjes zijn zwaar verlieslatend en het slechtst denkbare middel om aan pensioenopbouw te doen. De meeste andere gesponsorde spaarvormen (tak 21 …) zijn in hetzelfde bedje ziek. Zelf beleggen is met stip het meest rendabele, zeker gezien de decennia lange horizon. De aversie hiervoor, gretig gecultiveerd door de politiek, is niet te begrijpen. En nee, je hoeft daarvoor niet rijk te zijn, beleggen is voor iedereen toegankelijk.