Wuyts

Van Aert, op punten

Enerverende tijd, heerlijke tijd. Zo'n kampioenschap hitst voorspellers op. Bollezers en betweters zitten met hetzelfde probleem: hun houvast rijdt elders. Mathieu van der Poel is tot nader inzicht Nederlander. De favorieten komen van rij twee. Daar klinken de namen Van Aert en Aerts het hardst. Het BK wordt een Kempisch hanengevecht. Een agressieve met sporen tegen een defensieve met schijnbewegingen. Ik geef berekenaars van kansen graag extra discussiestof. Van Aert reed 24 crossen, Aerts eentje meer. Verwaarloosbaar verschil. Op het eerste gezicht toch. Wie nader toezag, weet dat Aerts dieper ging. De jongste weken toch. De allrounder verdedigde topposities in 3 klassementen. Loenhout, Diegem, Baal, Brussel, Toon lepelde zich overal uit. Dat speelt in zo'n kampioenschap op. Wie niet periodiseert, hypothekeert zijn kansen. Vraag het Sven Nys maar. Die moest bij 7 van zijn 9 Belgische titels doorpieren tot aan het gaatje. Om Vervecken, Vantornout of Albert af te houden, klonk zijn gehijg tot op de streep. Daar waar hij die mannen in de dolle decembermaand ongeremd in mootjes hakte. Van Aert en vooral trainer Marc Lamberts hebben daaruit geleerd. Een mislukte start in Diegem. Geen ramp. Over naar trainingsmodus. Een paar ronden een vermogenstest doen en dan rustig landen op plek vijf, keurig opgelost. Passen voor Baal en Brussel en ver van de tv-aandacht een uur stevig doorrammen in Bretagne, doordacht gepland. 'Hij reed dit seizoen nooit zo snel', zei de altijd wakkere Hermans na afloop in het vrijgevige La Mézière. Opslaan die uitspraak.



Alle artikels uit de krant