Koers kort

  1. 'Hoop doet leven' op ongewone Vlaamse feestdag
    PREMIUM

    'Hoop doet leven' op ongewone Vlaamse feestdag

    De vreemdste 11 juli ooit blijft die van vorig jaar - herinner u de heisa die losbarstte tijdens de toespraak van toenmalig parlementsvoorzitter Kris Van Dyck. Maar de Vlaamse feestdag van afgelopen zaterdag verliep ook verre van gewoon. Geen traditionele speech van de minister-president op het stadhuis in Brussel. Jan Jambon tekende, samen met premier Sophie Wilmès, Vlaams minister voor Brussel Benjamin Dalle en burgemeester Philippe Close wel present op de Grote Markt, mét mondmaskers. Vanop het balkon van het Brusselse stadhuis aanschouwden ze een mini-verrassingsconcert van Will Tura. De bijna 80-jarige keizer van het Vlaamse lied trok met zijn klassieker 'Hoop doet leven' de Vlaamse feestdag op gang. Iets wat hij als vanouds vol passie deed - ook al was het slechts voor enkele toevallige voorbijgangers. Tijdens de sobere ceremonie werden dit jaar ook twee 'gewone' Vlamingen geëerd voor hun werk tijdens de coronacrisis. Poetsvrouw Martine Vaneyck, werkzaam op de intensieve zorg van het zwaar getroffen Sint-Trudoziekenhuis in Sint-Truiden en kassabediende Ann Maes van de Colruyt van Waregem/Kuurne ontvingen in naam van hun sectoren de Vlaamse eretekens voor van hun inspanningen om de maatschappij draaiende te houden.
  1. Voorbestemd voor het café, maar Jan werd pater en vroedman: “Veel vrouwen gezien. Maar slechts één voor wie ik wilde uittreden”
    PREMIUM

    Voorbe­stemd voor het café, maar Jan werd pater en vroedman: “Veel vrouwen gezien. Maar slechts één voor wie ik wilde uittreden”

    Hij had het volkscafé van z’n ouders kunnen overnemen en had vrouwen kunnen hebben, aan elke vinger tien. Maar geen ravissante deerne kon Jan Braspenning (75) vermurwen. Hij werd eerst pater, dan pastoor en ontdekte als vroedman in Kameroen alsnog de wonderen van de vrouwelijke anatomie. In de schaduw van z’n kerk die steeds minder volk trekt, blikt Jan terug op een rijk leven.