Hij: een kasteloze zonder toekomst. Zij: een Zweedse edelvrouw. En toch overwint de liefde

Zomerreeks: Het sprookje van PK en Lotta | Met de fiets van India naar Zweden, voor de liefde

Ze ontmoetten elkaar op een koude decemberdag in 1975 op een plein in India. Nu, 43 jaar later, spát de liefde er nog af tussen PK en Lotta.
Jan Aelberts Ze ontmoetten elkaar op een koude decemberdag in 1975 op een plein in India. Nu, 43 jaar later, spát de liefde er nog af tussen PK en Lotta.
Hun twee leefwerelden konden moeilijk vérder uit elkaar liggen. Pradyumna Kumar Mahanandia - PK - huppelde als kleine jongen zonder kleren door de Indiase jungle, terwijl Ann-Charlotte Von Schedvin - Lotta - een telg was van de Zweedse adel. Toch komen ze samen. Reporter Dietert Bernaers en fotograaf Jan Aelberts trokken naar een Zweeds bos om dit onwaarschijnlijke liefdes verhaal op te tekenen. Een beklijvender sprookje gaat u deze zomer niet lezen.

PK: "Al sinds mijn geboorte in 1949 in Kondpoda, een dorp in het oosten van India, is mijn leven voorbestemd. Mijn familie stond rond het mandje waarin ik mijn eerste momenten op deze aarde doorbracht, toen mijn broer iedereen wees op de regenboog in de lichtstraal die langs een klein raampje de hut binnenviel. Voor de astroloog van ons dorp kon dit maar één ding betekenen: 'Als hij groot is, gaat hij met kleuren en vormen werken.' En hij ging verder met zijn voorspellingen. In een palmblad kerfde hij de stand van de planeten. Daaruit leidde hij mijn hele leven af. 'Dit kind zal later trouwen met een meisje dat niet uit deze stam komt, niet uit het dorp, zelfs niet uit dit land', schreef hij in kleine, krullende letters. 'Zijn aanstaande vrouw is muzikaal, geboren in het sterrenbeeld van de Stier en bezit een eigen jungle."

Lotta: "Ik ben opgegroeid in Borås, niet zo ver van Göteborg. De streek is bekend voor zijn textielindustrie. Mijn familie was dan wel van adel, erg breed hadden we het niet. Mijn ouders runden een stoffenwinkel. Toen die failliet ging, ging mijn vader in het bos werken op het uitgestrekte landgoed van de familie. Ik ging regelmatig naar de kerk met mijn ouders, al denk ik dat mijn papa niet zo heel gelovig was. Toen ik 8 jaar was, werd één van mijn tantes ziek tijdens haar zwangerschap. We baden met de hele familie tot God, maar ze stierf uiteindelijk toch. Ik was kwaad en teleurgesteld."

Je hebt 19% van dit artikel gelezen



Alle artikels uit de krant