'Onteren' Russische vlag krijgt staartje voor Bloodhound Gang

REUTERS
De Amerikaanse muziekgroep Bloodhound Gang heeft zich de woede van Moskou op de hals gehaald. De Russische politie is een onderzoek gestart naar de band omdat een van de groepsleden de Russische vlag tijdens een optreden in Oekraïne onteerd zou hebben. Ook het Russische onderzoekscomité bekijkt de zaak.

De 41-jarige bassist Jared Hasselhoff had tijdens een optreden in de Oekraïense stad Odessa de Russische vlag in zijn broek gestopt en er achteraan opnieuw uitgehaald, zo blijkt uit een video op YouTube. Aleksander Bastrykin, hoofd van het onderzoekscomité, spreekt van een "cynische misdaad" en "een gebrek aan eerbied voor de Russische staat".

Een gepland optreden van de groep op het festival KUBANA nabij de Zuid-Russische stad Anapa, op 3 augustus, werd afgelast. De muzikanten werden weggeleid via een achterdeur, maar het publiek kon hen bekogelen met tomaten en eieren. De band moest Rusland verlaten.

Ambassadeur
De Amerikaanse ambassadeur in Rusland, Michael McFaul, veroordeelt de daad. "Ik vind de daden van Bloodhound Gang walgelijk. Ik veroordeel ook de gewelddaden tegen hen", aldus de ambassadeur op Twitter. Toen de bandleden in Anapa het vliegtuig wilden nemen, werden ze immers aangevallen door lokale activisten. De Russische minister van Cultuur, Vladimir Medinski, noemt de muzikanten op Twitter dan weer "idioten". Russische parlementsleden eisten gisteren, naast een strafrechtelijke vervolging, dat het de groep ook verboden wordt nog naar Rusland te reizen.

Gevangenis
Bastrykin wil nu Oekraïne en de Verenigde Staten om hulp vragen bij het onderzoek tegen de band. Russische rechtbanken kunnen gevangenisstraffen uitspreken voor het onteren van staatssymbolen.

Oekraïne
De muzikant urineerde overigens op een Oekraïense vlag tijdens een ander concert in Oekraïne. Dat incident geeft eveneens aanleiding tot een onderzoek van de politie van Kiev voor het onteren van Oekraïense staatssymbolen en voor hooliganisme.

Het incident in Oekraïne.
REUTERS Het incident in Oekraïne.