De klopjacht op beroepsmilitair Jürgen Conings duurde vorig jaar 35 dagen, en bracht een ongezien aantal politieagenten en militairen op de been.
Volledig scherm
PREMIUM
De klopjacht op beroepsmilitair Jürgen Conings duurde vorig jaar 35 dagen, en bracht een ongezien aantal politieagenten en militairen op de been. © Photo News

RECONSTRUCTIE. “Sommige militairen wisten niet goed wat ze moesten doen als ze Jürgen Conings zouden vinden. Alarm slaan? Helpen? Of negeren?”

Drie brieven had hij geschreven, Jürgen Conings. Eén naar zijn vriendin. Eén naar de politie. En één naar het Belgisch leger. Uren eerder die maandag had hij thuis de deur achter zich dicht gedaan. Wat leek op een ochtend als alle andere — nog snel een zoen voor de vrouw die naast hem sliep en naar buiten — werd een vijf weken durende zoektocht naar een zwaar bewapende militair. Stond in zijn brief: “Het maakt mij niet uit of ik sterf of niet. Maar dan zal het op mijn manier zijn.” Reconstructie van een massale zoektocht, te beginnen met een toevallige halve vrije dag die mogelijks het leven van viroloog Marc Van Ranst heeft gered.