De Beerschot-jaren van Radja Nainggolan.
Volledig scherm
PREMIUM
De Beerschot-jaren van Radja Nainggolan. © RV en Beerschot

“Klein mannetje, sterk karakter”: de Kielse jaren van Radja Nainggolan

Belgisch voetbalHoezo enfant terrible? Bij Beerschot, waar Radja Nainggolan (33) werd opgeleid en waar zijn huidige club Antwerp zondag op bezoek gaat, kende men indertijd amper problemen met de kleine Radja. “Op een keer stapte hij wel eens van het trainingsveld omdat hij zijn coach niet correct vond, maar eigenlijk was Radja gewoon een heel gedreven jongetje.” De Kielse jaren van Nainggolan. 

7 reacties

  • Kenny De Raas

    2 maanden geleden
    Hij was een jeugdproduct van Tubantia. Sshht zowel Ekeren als Beerschot.
  • Nando Garcia Fernandez

    2 maanden geleden
    Pet af voor Radja die, omdat ze in Belgie nooit geloven in eigen werking, op 16 jarige leeftijd naar Italië ging en daar een hele grote werd
  • Henri Papel

    2 maanden geleden
    Wat doet dat er nu toe Germinal of Beerschot .Het blijft een prachtvoetballer en topkerel. Inderdaad onrecht aangedaan door hem niet te selecteren voor de wk 's. Hadden zeker een finale kunnen spelen met hem in de ploeg..
  • Bart Cornelis

    2 maanden geleden
    Is officieel een jeugdproduct van Germinal Ekeren niet van Beerschot
  • Vic Van Londersele

    2 maanden geleden
    2 maal onrecht aangedaan door niet selectie voor WK 2014 en 2018 . Voor mij een topspeler.
  1. Tracy Acheampong, de steun en toeverlaat van Paul Onuachu: “Het heeft 3 maanden geduurd voor ik wist dat Paul een profvoetballer was”
    PREMIUM
    Gouden Schoen
    7

    Tracy Acheampong, de steun en toeverlaat van Paul Onuachu: “Het heeft 3 maanden geduurd voor ik wist dat Paul een profvoet­bal­ler was”

    In ‘Onuachu Town’ is zij de koningin, Tracy Acheampong (23). Een meisje uit Amsterdam met Ghanese roots en al bijna vier jaar steun en toeverlaat van Paul Onuachu (27). Ook zij genoot de laatste dagen intens van de erkenning die haar topspits kreeg. “Toen hij meteen mijn nummer vroeg, dacht ik ‘echt niet’, maar het was typisch Paul: doodeerlijk en rechtuit.”