© thinkstock.
Voor de kust van de Amerikaanse staat Californië is blauwvintonijn gevangen die besmet is met radioactieve deeltjes. Die zijn afkomstig van de Japanse kerncentrale in Fukushima, 10.000 kilometer ver weg aan de andere kant van de Stille Oceaan.
Het is de eerste meting van radioactiviteit die zo ver wordt meegedragen door een migrerende vis, stelt Nicholas Fisher, een van de wetenschappers die het onderzoek publiceerden in de Proceedings of the National Academy of Sciences. "We zijn eerlijk gezegd wat geschrokken," luidt het.
- Verkoop blauwvintonijn dubbel zo hoog als officiële vangst
- Uitstoot radioactiviteit Fukushima 1/6 van Tsjernobyl
- Bijna gedaan met tonijn
- Vis redden voor oceanen leeg zijn
- Toegestane stralingsnorm niet overschreden in Fukushima
- Reclamefilmpje moet blauwvintonijn redden
- Kwart Brusselse restaurants serveert bedreigde vis
- Overheid neemt tonijn van 400 kilo in beslag
Lees ook
Het is een grote oceaan. Ze helemaal oversteken en nog steeds deze radioactieve stoffen meedragen is vrij wonderbaarlijkOnderzoeker Nicholas Fisher
Tien keer hoger
De niveaus van radioactief cesium waren tien keer hoger dan de hoeveelheden die de voorbije jaren werden gemeten bij tonijn voor de Californische kust. Toch zijn de waarden nog altijd ver beneden de norm die de Amerikaanse en Japanse overheid veilig achten voor menselijke consumptie.
Er werden in Japanse wateren al eerder kleinere vissen en plankton gevonden met verhoogde radioactieve waarden na de aardbeving en tsunami die in maart vorig jaar de kerncentrale in Fukushima ernstig beschadigden. Wetenschappers hadden echter niet verwacht dat de radioactieve sporen zo sterk aanwezig zouden zijn in grote vissen die de wereld overzwemmen, aangezien de tonijnen radioactieve substanties kunnen afscheiden via hun metabolisme en terwijl ze groeien. "Het is een grote oceaan. Ze helemaal oversteken en nog steeds deze radioactieve stoffen meedragen is vrij wonderbaarlijk," aldus Fisher.
Tonijn is een erg overbeviste soort.
© thinkstock.
Mexicaanse vissers brengen blauwvintonijn aan land.
© ap.
Groot en snel
Thunnus orientalis, de blauwvintonijn uit de Stille Oceaan, is een van de grootste en snelste vissen ter wereld. De dieren kunnen tot drie meter lang worden en meer dan 450 kg wegen. Ze schieten kuit voor de kust van Japan en zwemmen in scholen oostwaarts naar de kusten van Californië en Mexico.
Vijf maanden na de ramp in Fukushima testte het team van Fisher, verbonden aan de Stony Brook Universiteit van New York, monsters van vijftien blauwvintonijnen die werden gevangen voor de kust van San Diego. Bij alle monsters waren de waarden radioactief cesium-134 en cesium-137 hoger dan bij eerdere vangsten.
Andere vissen
Het team analyseerde ook geelvintonijn die werd gevangen in de oostelijke Stille Oceaan, en blauwvintonijn die naar het zuiden van Californië migreerde voor de crisis. Ze vonden geen sporen van cesium-134 en enkel achtergrondwaarden van cesium-137 die terug te voeren zijn naar testen van atoomwapens in de jaren 60. De hogere radioactieve stoffen zijn dus duidelijk afkomstig van Fukushima, stelt Ken Buesseler van het Woods Hole Oceanographic Instituut, dat niet meewerkte aan de studie.
Deze zomer komt de echte test, wanneer het onderzoek wordt herhaald met meer vissen die langer rondzwommen voor de Japanse kust. De wetenschappers willen ook controles uitvoeren bij andere rondtrekkende dieren, zoals schildpadden, haaien en zeevogels.
De kerncentrale in Fukushima lekte veel radioactieve stof de zee in.
© ap.



Door: