Supernova voor het eerst 'live' te zien
Wetenschappers hebben voor het eerst de explosie van een ster vanaf de eerste ogenblikken kunnen waarnemen, zo staat in het jongste nummer van het wetenschappelijke vakblad Nature te lezen. De extreem heldere flits röntgenstraling, waarmee de supernova begon, werd puur toevallig waargenomen door de Swift-telescoop van de NASA. Daardoor gealarmeerd richtten wetenschappers talrijke rond onze planeet wentelende telescopen en kijkers op de grond op de gebeurtenis, zodat ze de dood van de ster gedetailleerd konden bekijken.
Brandstof opTot een supernova komt het wanneer een zware ster haar nucleaire brandstof uitgeput heeft. Zij klappen door hun eigen zwaartekracht in elkaar en de daarbij ontstane schokgolf rijt het hemellichaam in flarden uiteen. Tot nu toe hebben astronomen pas dagen of weken na de gebeurtenis zelf het fenomeen kunnen ontdekken. Op 9 januari stak het toeval echter wetenschappers rond Alicia Soderberg van de befaamde Princeton Universiteit een handje toe. Met de Swift keken zij naar de straling van een reeds voorbije supernova in sterrenstelsel NGC 2770, 90 miljoen lichtjaar van de Aarde verwijderd in het sterrenbeeld Lynx aan de noordelijke sterrenhemel. Plotseling registreerden zij een bijna vijf minuten durende zeer heldere uitstoot van röntgenstraling in hetzelfde sterrenstelsel. De astronomen schatten deze röntgenflits als het begin van een nieuwe supernova in.
Toevalstreffer"We waren op het juiste ogenblik op de juiste plaats met de juiste telescoop", beschreef Soderberg de ontdekking. Talrijke instrumenten zoals de Hubble Ruimtetelescoop, de Gemini-North Telescoop op Hawaïi en de telescoop van het Palomar-Observatorium in Californië hebben de afloop van de supernova bekeken die als SN2008D werd geregistreerd. Daaropvolgend onderzoek leerde dat de afgetekende röntgenflits de door de ster lopende schokgolf als start van de supernova kenschetste.
Ook in 1987"Deze waarneming is met voorsprong het beste voorbeeld van wat er gebeurt als een ster sterft en een neutronenster wordt", aldus Kim Page van de Universiteit van Leicester die de analyse van de röntgenstraling heeft geleid. Astronomen hebben reeds in 1987 het geluk gehad het verloop van een supernova te kunnen volgen. De gebeurtenis, opgetekend als SN1987A, deed zich op 170.000 lichtjaar van ons voor in de Grote Magellaanse Wolk, een buur van onze Melkweg aan de zuidelijke sterrenhemel. Wegens die nabijheid liet die supernova zich als geen andere onderzoeken. Maar de röntgenflits als start was aan de waarnemingen ontsnapt en kon pas uit latere gegevens gereconstrueerd worden.
Volgens Page liet SN2008D zich langer en in een groter golflengtenbereik waarnemen dan SN1987A. Maar de gezien de toevallig ontdekte ontploffende ster zich 500 keer verder bevond dan het exemplaar dat in 1987 werd waargenomen, waren niet zo veel details zichtbaar.