Anders Fogh Rasmussen.
© epa.
UPDATE Het raketschild dat de NAVO wil uitbouwen tegen langeafstandsraketten is sinds kort deels operationeel. Dat heeft topman Anders Fogh Rasmussen in Chicago aangekondigd. De eerste "interimcapaciteit" kan voorlopig bogen op een radarinstallatie in Turkije en VS-schepen met anti-raketgeschut op de Middellandse Zee. De knoppen staan in het Duitse Ramstein.
Het raketschild is een stokpaardje van secretaris-generaal Rasmussen. Hij ziet het project, dat binnen acht à tien jaar volledig op poten moet staan, als een schoolvoorbeeld van "Smart Defence". Want zeker met de crisis die weegt op de defensiebudgetten, is het belangrijk dat "landen samen doen wat ze niet alleen kunnen", aldus de Deen.
Het raketschild berokkende echter ook al heel wat schade, met name aan de relaties met Rusland. Opnieuw herhaalde Rasmussen op de NAVO-top dat het systeem niet bedoeld is tegen Rusland, maar "puur defensieve" doelstellingen heeft. "Rusland heeft niets te vrezen", klonk het.
Geviseerd
Moskou blijft echter volhouden dat het zich net zo goed geviseerd voelt. Recent dook daarbij zelfs onvervalste Koude Oorlog-retoriek op, toen toenmalig president Dmitri Medvedev weigerde een preventieve aanval op de Europese componenten uit te sluiten. Zijn opvolger Vladimir Poetin zakte "wegens agendaproblemen" in elk geval niet af naar Chicago.
Smart Defence moet het antwoord worden van de NAVO op de krimpende defensiebudgetten. Op de top in Chicago kregen "meer dan twintig" projecten groen licht. Telkens slaan meerdere bondgenoten de handen in elkaar om via nauwere samenwerking geld te besparen. Rasmussen verwees onder meer naar de gedeelde aankoop van robots die bermbommen kunnen ontmantelen en de gezamenlijke opleiding van helikopterpiloten.
Op de top in Chicago kregen "meer dan twintig" concrete samenwerkingsprojecten groen licht. Telkens slaan meerdere bondgenoten de handen in mekaar om via nauwere samenwerking geld te besparen, met één land dat de leiding neemt.
Telegeleide robots
Zo wil een groep landen onder leiding van Italië samen telegeleide robots aankopen, specifiek bedoeld voor het onschadelijk maken van de door Afghaanse rebellen vaak gebruikte bermbommen. Duitsland neemt dan weer de lead in het uitbouwen van een multinationale pool van maritieme patrouillehelikopters, vergelijkbaar met het EATC dat de militaire transportvliegtuigen van een reeks lidstaten - waaronder België - nu al bundelt en beheert.
Een groep landen wil voorts de tekorten aan precisiemunitie aanpakken, door met name telegeleide bommen te gaan opslaan in gezamenlijke depots. De kosten worden gedeeld onder de betrokken lidstaten, wat dan naargelang de bijdrage recht geeft op een bepaald aantal bommen.
Voorts is onder meer sprake van de collectieve opleiding van helikopterpiloten en hun ploegen op de grond, het onderhoud van pantservoertuigen, het delen van medische opstellingen en inlichtingen- en patrouillesystemen.
Groen licht voor drones
Tot slot gaven de staats-en regeringsleiders in Chicago nog groen licht aan de aankoop van vijf drones. Die onbemande - én onbewapende - vliegtuigen kunnen vanop 18 kilometer hoogte de toestand volgen op het terrein. Ze kaderen in het AGS-programma (Alliance Ground Surveillance) en worden door veertien lidstaten samen aangekocht. De operationele kosten worden dan gefinancierd vanuit de NAVO-kas.
De NAVO raamt de kosten voor de aankoop van de toestellen, de bijhorende infrastructuur en de opleiding van het personeel dat ermee zal werken op meer dan een miljard euro. De werkingskosten zouden de komende jaren nog eens oplopen tot ruim 2 miljard euro.



Bewerkt door: