Een Chinese fabriek waar iPhones en HP-computers worden gemaakt, kampt met een zelfmoordgolf. Eergisteren beroofde een 19-jarige werknemer zich van het leven door van de zevende verdieping te springen. Hij was al de tiende zelfdoder bij Foxconn dit jaar.
Het bedrijf Foxconn in Shenzhen in Zuid-China stond gisteren uitzonderlijk toe dat de pers een kijkje kwam nemen in zijn gebouwen. Voor Foxconn werken zo'n 400.000 mensen, vaak afkomstig uit de armere streken van China. Ze wonen praktisch in de fabriek, waar ze slapen en van de buitenwereld zijn afgescheiden.
Foxconn ligt al langer onder vuur voor de dubieuze leef- en werkomstandigheden. De fabriek toonde gisteren dan ook wat graag onder meer zijn zwembad aan de pers. Dit PR-moment wil vermijden dat het hoge aantal zelfdodingen toe te schrijven is aan de toestand in de fabriek. De arbeiders zouden er 10 tot 11 uur per dag werken, zouden nog geen honderd euro per maand verdienen en zouden worden kort gehouden door een militair regime.
Het elektronicabedrijf heeft intussen een hulplijn geïnstalleerd en geeft bonussen van 22 euro aan werknemers die suïcidaal gedrag van collega's opmerken. (jv)


