Delegaties van meer dan 120 landen zijn in de Nieuw-Zeelandse hoofdstad Wellington onderhandelingen begonnen over een internationaal verbod op de handel in en het gebruik, de productie en de opslag van clusterbommen. Van de 76 landen die clustermunitie bezitten, nemen er 41 aan de conferentie deel, evenals het merendeel van de producenten van de wapens. Grote producenten als de Verenigde Staten, Rusland, China en Pakistan schitteren echter door afwezigheid.
Onschuldige slachtoffers
Clusterbommen exploderen boven de grond, waarbij duizenden bommetjes vrijkomen die over een groter gebied worden verspreid. Deze bommetjes zouden moeten ontploffen als ze op de grond komen, maar in de praktijk blijkt dat 10 tot 40 procent van de projectielen blijft liggen en pas afgaat als iemand ze oppakt of er op stapt. De clusterbommen maken op die manier veel slachtoffers onder burgers en kinderen.
Hezbollah
Ierland, Mexico, Nieuw-Zeeland, Noorwegen, Oostenrijk, Peru en het Vaticaan namen vorig jaar het initiatief tot onderhandelingen over een verbod. De aanleiding was het veelvuldige gebruik van clustermunitie door Israël aan het eind van zijn oorlog tegen Hezbollah in Libanon in 2006. De bijeenkomst in Wellington is een vervolg op een conferentie die vorig jaar in Oslo werd gehouden. De organisatoren hopen de onderhandelingen in mei in Ierland te kunnen afronden. (novum/svm)


