© ap.
In de townships rond de Zuid-Afrikaanse havenstad Durban worden steeds meer hiv-patiënten bestolen van hun medicijnen. De oorzaak daarvan is een nieuwe levensgevaarlijke drugs die opgedoken is: Whoonga. Het belangrijkste bestanddeel voor de drug: tot poeder vermalen aidsremmers.
Een bewijs dat de nieuwe drugs Whoonga levensgevaarlijk is: naast de vermalen aidsremmers bevat het ook rattenvergif en schoonmaakmiddel. Toch zijn duizenden jongeren rondom Durban enorm verslaafd aan het nieuwe goedje. Het roken van de bizarre combinatie zou immers zeer hallucinerend werken.
In de hiv-kliniek van Kwadabeke is paniek uitgebroken. Vele patiënten worden buiten het hek van het ziekenhuis immers onmiddellijk beroofd van hun pillen. Sommige patiënten worden zelfs thuis opgewacht door de drugsverslaafden. "Ik ben bang", verklaart Rafael Ngobese die in de wachtkamer zit te wachten op een nieuwe tweemaandelijkse voorraad aidsremmers.
Gratis medicatie
Het nieuws over de nieuwe drugs komt binnen de gezondheidszorg als een grote schok. Zuid-Afrika is immers het land met de meeste hiv-patiënten ter wereld. Ongeveer 5,7 miljoen van de 49 miljoen inwoners zijn besmet. De afgelopen jaren kregen steeds meer besmette Zuid-Afrikanen toegang tot gratis medicatie. Een grote stap voorwaarts. "En dan kan je plots als aidspatiënt niet veilig meer met je medicijnen over straat", aldus dokter Aretha Zulu.
De dokter hoorde voor het eerst over Whoonga in 2008. Toen werden enkele jongeren betrapt bij het experimenteren. Maar sinds begin dit jaar is het aantal verslaafden enorm toegenomen. "Nu kan je de drugs op elke hoek van de straat krijgen."
Overheid grijpt niet in
Ondanks het grote probleem besteedt de overheid er nauwelijks aandacht aan. Thokozani Sokhulu heeft een klein afkickcentrum in Kwadebeka geopend. Daar probeert hij de jongeren van de Whoonga af te helpen. "Ik heb nauwelijks geld om iets voor de verslaafden te betekenen. Meer dan dit kan ik niet doen. Maar ik vond het zo erg om jongeren aan deze vreselijke drugs ten onder te zien gaan, dat ik ben opgestaan", aldus de man.
Momenteel zitten er 45 jongens in zijn afkickcentrum. Maar Sokhulu beseft dat dit slechts een fractie van het aantal verslaafden in en om Durban is. "Het zijn er echt al een paar duizend en er komen er elke dag tientallen bij. Ik krijg al meldingen dat het op andere plekken in het land opduikt. De regering móet ingrijpen."
Vrees voor criminaliteit
De grootste vrees van Sokhulu is een golf van geweld en criminaliteit van Whoonga-verslaafden. "Het is niet voor te stellen hoe groot de behoefte bij verslaafden is. De pijn in hun hoofd en buik is zo groot, dat ze de Whoonga wel móeten nemen. Elke dag weer. En dus zijn ze tot alles in staat." (ka)


