Kardinaal Crescenzio Sepe zei onlangs nog dat gelovigen het relikwie mochten kussen ondanks de Mexicaansegriepepidemie.
Op het feest van de heilige Januarius heeft zich gisterochtend in de kathedraal van Napels het 'bloedwonder van San Gennaro' opnieuw voltrokken. Dat meldt de Nederlands-Vlaamse religieuze nieuwssite RKnieuws.net.
Ellende en onheil
Om drie minuten voor tien toonde de aartsbisschop van Napels, kardinaal Crescenzio Sepe, de reliekhouder met de legendarische ampullen met daarin het 'vloeibaar geworden bloed' van de heilige Januarius (San Gennaro). Het wonderlijke verschijnsel doet zich drie keer per jaar voor: het 'gestolde bloed' van Sint Januarius wordt vloeibaar. Gebeurt het niet, dan kan dat ellende en onheil betekenen voor de Napolitanen.
Januarius was ooit bisschop van Benevento, een stadje in de buurt van Napels. Tijdens de christenvervolgingen onder keizer Diocletianus werd hij onthoofd in het jaar 305.
Hoop en troost
De plechtigheid is een belangrijke religieuze gebeurtenis in Italië en en bron van hoop en troost voor de inwoners van de Zuid-Italiaanse stad, die wordt geteisterd door economische problemen en de maffia.
De Napolitanen geloven in het wonder van de patroonheilige van hun stad. In 1799 bleef het wonder van Gennaro uit en prompt viel Napoleon Bonaparte de stad binnen en veroverde Napels. In het verleden werd Napels getroffen door een natuurramp, de pest of een andere epidemie als het wonder zich niet had voorgedaan.
Bloed
Volgens wetenschappers is de inhoud in de ampullen geen bloed, maar een substantie gemaakt door een middeleeuwse alchemist, die vloeibaar wordt zodra ermee wordt geschud. (belga/sam)


