Minder dan een derde van de leeflonen wordt uitbetaald in Vlaanderen. Wallonië en Brussel zijn dus samen goed voor zeven op de tien leeflonen. Dat staat in de Coreliokranten. Het was kamerlid Sarah Smeyers van de N-VA die de statistieken waaruit deze cijfers gedistilleerd zijn, kreeg van de federale staatssecretaris van Armoedebestrijding, Jean-Marc Delizée (PS), die ze in De Morgen nuanceert.
Het leefloon dat de OCMW's uitbetalen -de uitkering die het laatste vangnet is voor wie tussen de mazen van het arbeids- en sociaal zekerheidsnet is gevallen- is vooral een Waalse en Brusselse zaak.
Te veel
Vlaanderen heeft 40.682 leefloontrekkers. Het vindt dit veel. Te veel. Maar in Belgisch perspectief is dit bijna niets. Met bijna 60 procent van de bevolking heeft Vlaanderen amper 30 procent van het totale aantal leefloontrekkers (132.434). Brussel, met 10 procent van de Belgische bevolking, heeft 33.726 leefloontrekkers, 25 procent van het totaal. Wallonië, met goed 30 procent van de bevolking, heeft 58.026 leefloontrekkers of 44 procent van het totaal.
De verschillen zijn groot maar de evolutie maakt het nog erger. Want de kloof vergroot nog. Afgelopen vier jaar (2003-2007) daalde het aantal leefloners in Vlaanderen met 5 procent. Het steeg in Wallonië met 10 procent en in Brussel met 22 procent.
Onlogisch
In De Morgen nuanceert Délizée de communautaire lezing van de cijfers door de N-VA. "Het is onlogisch om heel Vlaanderen te vergelijken met een stad als Brussel", zegt zijn woordvoerster Herlinde Martens. "In Vlaanderen zijn er evengoed gemeentes of regio's waar er meer leefloners zijn dan in gemeenten en provincies in Wallonië. Het is trouwens één van de prioriteiten van de staatssecretaris om mensen met een leefloon aan een job te helpen." (belga/sps)
Meld je aan of registreer je om een reactie te plaatsen!


