Nuh Karakus (26) uit Willebroek, die voor het Antwerpse assisenhof terechtstaat voor de moord op zijn echtgenote Sevda Kuscu (22), had zich goed laten informeren over zijn opties voordat hij terug naar België kwam om zich aan te geven. Dat bleek vandaag uit de getuigenissen van de speurders. Volgens het openbaar ministerie was het duidelijk dat hij er zo goedkoop mogelijk vanaf wilde komen.
Nuh was naar Turkije gevlucht, nadat hij op 6 mei 2009 zijn vrouw gedood had. De onderzoeksrechter gaf de speurders daarop de opdracht om de telefoon van zijn broer Zekeriya af te luisteren. Tussen 15 en 28 mei 2009 voerde hij meerdere gesprekken met een man die hij als "nonkel" aansprak. Ze bespraken onder meer de straf die Nuh boven het hoofd hing.
Zekeriya zei dat hij met een advocaat gesproken had en dat zijn broer twintig jaar cel riskeerde in Turkije en slechts vier jaar in België. De oom merkte op dat Nuh zich sowieso snel moest aangeven, want dat hij dan drie jaar minder zou krijgen. Het was volgens hem net zoals bij een lening: hoe sneller de schuld is afbetaald, hoe beter.
Zekeriya sprak ook met Nuh en vertelde hem dat de feiten nu eenmaal gebeurd waren en dat het belangrijk was dat hij de minst mogelijke straf kreeg. De beschuldigde kreeg ook de raad om zo weinig mogelijk aan de politie te vertellen.
Nuh kwam uiteindelijk op 27 mei 2009 terug naar België en werd gearresteerd op de luchthaven van Zaventem.


