De verplichting om bij pech of ongeval een fluo veiligheidshesje te dragen op autowegen en autosnelwegen, wordt door de meeste bestuurders goed opgevolgd. Dat stelt de federale politie. Wie niet in orde is, loopt wel het risico op een boete, zegt politieman en 'Kijk uit'-presentator Werner Van Cant. Cijfers over het aantal overtredingen zijn niet beschikbaar.
Autosnelwegen
Van Cant denkt dat het wel meevalt. "Ik zie op de autosnelwegen toch dat de meeste mensen inderdaad een fluo vestje dragen. Je ziet het trouwens ook op gewestwegen, terwijl het daar niet eens wettelijk verplicht is." Sinds 1 februari 2007 stelt de wet dat bestuurders van een (vracht)wagen maar ook van een motor een zogenaamd retro-reflecterend veiligheidsvest moeten dragen wanneer zij aan de kant staan op de autosnelweg of autoweg. Het fluo hesje is niet verplicht voor de passagiers en het maakt ook geen deel uit van de verplichte uitrusting van de wagen. Dat betekent dat bij de autokeuring bijvoorbeeld niet wordt nagekeken of het in de wagen zit.
Achter vangrail
"Zelfs met een fluo vestje blijft het raadzaam om zo snel mogelijk achter de vangrails te gaan staan", zegt Van Cant nog. "Bij eventuele panne of ongeval zorg je er best voor dat de passagiers meteen achter de vangrails plaatsnemen. Als bestuurder kan je dan het nodige doen om je voertuig te signaleren. Het gaat om het aanzetten van je vier richtingaanwijzers, het plaatsen van je gevarendriehoek op 100 meter voor het voertuig en het eventueel aanbrengen van een oranje knipperlicht op je dak."
Boetes
Volgens Van Cant zijn agenten die vaststellen dat bestuurders toch geen fluo vestje dragen eraan gehouden een proces-verbaal op te stellen. Terwijl in het begin eerder gewezen werd op de nieuwe maatregel, kunnen dus boetes volgen. "Het is een overtreding als een andere", zegt Van Cant daarover. Vermoedelijk worden er niet zoveel boetes uitgeschreven, maar de politie beschikt niet over aparte cijfers voor deze overtreding. (belga/gb)


