Wapens federale politie onvoldoende beveiligd
De opslag van dienstvuurwapens en munitie bij de diensten van de federale politie laat te wensen over. Dat blijkt uit het jaarverslag 2006-2007 van het Comité P, het Vast Comité van Toezicht op de politiediensten, dat gisteren achter gesloten deuren in het parlement werd besproken. Bovendien werden niet alle wapens van de federale politie in het centraal wapenregister (CWR) geregistreerd.
Tussen 2002 en 2004 voerde het Comité P een onderzoek naar de opslag van dienstvuurwapens en munitie bij de politiezones. Het onderzoek was vooral toegespitst op de bestaande veiligheidswaarborgen. Dezelfde oefening werd eind 2005 overgedaan, maar dan bij de diensten van de federale politie.
Dienstwapens in kledijkastjes
Volgens het Comité P heeft het signaal uit 2004 vele lokale verantwoordelijken bewust gemaakt en hebben ze de nodige inspanningen geleverd om tot een verantwoord en veiliger vuurwapenbeheer te komen. De toestand bij de bezochte federale politie-eenheden is daarentegen niet beter dan de situatie in 2004 bij de lokale politie.
Twee specifieke sites vertonen nog ernstige problemen. Zo worden de wapens er nog opgeslagen in bureaumeubels of kledijkastjes die ook voor derden toegankelijk zijn, "wat ronduit onaanvaardbaar is", aldus het Comité P. Het merkt op dat de federale politie in 2006 een inhaalbeweging heeft ingezet, maar dat die wordt bezwaard door financiële beperkingen.
Schrijnend
Op lokaal vlak liet slechts een minderheid van de zones na de nodige initiatieven te nemen.Maar er duikt echter een ander probleem op. "Het is op lokaal vlak schrijnend dat door het wanbeheer in het verleden en een gebrek aan investeringen in de huidige regularisatie van het centraal wapenregister, de politiediensten onbedoeld bijdragen tot de aanwas van het illegale wapenbezit", luidt het.
Het Comité verwijst ook naar het hoge aantal opschortingen van de uitspraak van de veroordelingen waarvan poilitieambtenaren kennelijk kunnen genieten. "Hoogst opmerkelijk" en "amper te verklaren", stelt het Comité P. Het heeft het over 30 opschortingen op 95 uitspraken door de bodemrechters - vrijspraken niet meegeteld - ofwel 31,5 procent. Voor de 'gewone burger' schommelt dat percentage rond de 4 tot 5 procent.
Het toezichtsorgaan beveelt dan ook de creatie aan van een strafverzwarende omstandigheid wanneer het misdrijf wordt gepleegd door een politieambtenaar of het aan banden leggen van de mogelijkheid voor de rechter om opschorting uit te spreken.
Problematische geldstromen
Voorts merkt het Comité P op dat het verkeersveiligheidsfonds problematische geldstromen en aberrante uitgaven met zich meebrengt. Het is daarom hoog tijd dat men ofwel het fonds op een lager bedrag plafonneert ofwel overhevelt naar de globale politiedotatie die de federale politie aan de politiezones verleent.
Alles samen werden in 2006 2.314 klachten rechtstreeks bij het Comité P ingediend. Dat is vier procent meer dan het jaar voordien. Wat de aantijgingen betreft, werden opnieuw geen grote verschuivingen genoteerd. Nieuw lijken de pesterijen en klachten rond personeelsbeheer en rekrutering. (belga/sps)