-
 

Verschillen tussen Frans en Belgisch assisenhof

De werking van het assisenhof van het Franse Charleville-Mézières, dat Michel Fourniret en Monique Olivier vanaf 27 maart moet berechten voor zeven doodslagen of moorden, lijkt op die van de volksrechtspraak in België. Er zijn echter een aantal verschillen, in het bijzonder de rol van de jury en de mogelijkheid om in beroep te gaan.

Net zoals in België bestaat een Frans assisenhof uit drie beroepsmagistraten, een voorzitter en twee assessoren, en een volksjury, maar die laatste spreekt zich niet alleen uit over de schuld van de beschuldigde.

"De juryleden omringen de beroepsmagistraten en nemen niet, zoals in ons land, plaats in een aparte box", legt Benoît Frydman, professor recht aan de Université Libre de Bruxelles, uit.

Er is slechts één beraadslaging, door de beroepsmagistraten en de juryleden samen, voorzien over de schuld van de beschuldigde en eventueel nadien over de strafmaat. In België daarentegen gebeurt het beraadslagen in twee fases: de jury spreekt zich alleen uit over de schuld en nadien wordt, na nieuwe debatten, met de rechters over de strafmaat overlegd.

Jury

Een Franse jury telt negen leden (twaalf in beroep), die uitgeloot worden en minstens 23 jaar oud zijn. In België bestaat een jury daarentegen uit twaalf leden tussen 30 en 60 jaar, naast de plaatsvervangers waarvan het aantal kan variëren.

In beide landen vertegenwoordigt een advocaat-generaal, een parketmagistraat, het openbaar ministerie, dat de beschuldiging formuleert.

In Frankrijk is er één assisenhof per departement; in België één per provincie. Het hof zetelt niet permanent, maar wordt bijeengeroepen wanneer iemand moet terechtstaan voor een misdaad, een poging tot een misdaad of medeplichtigheid aan een misdaad.

Minder lang

"Hun werking lijkt erg op elkaar, maar het hof houdt er een sneller tempo op na in Frankrijk, waar minder getuigen worden opgeroepen", aldus Frydman. "Een Frans assisenproces duurt gemiddeld de helft minder lang", voegde hij eraan toe.

Een opmerkelijk verschil is dat in Frankrijk sinds 1 januari 2001 beroep mogelijk is tegen een veroordeling, binnen de tien dagen vanaf de uitspraak van het arrest. In België is geen beroep mogelijk tegen de uitspraak, behalve bij het Hof van Cassatie, maar enkel wat de vorm betreft.

Het beroep wordt niet onderzocht door een hogere rechtbank, maar door een ander assisenhof, in een ander departement, aldus Frydman. Cassatieberoep is eveneens mogelijk tegen een arrest van een assisenhof dat in beroep zetelde. (belga/sps)
21/03/08 10u36
      mailIcon Mail een vriend(in)      printIcon Printversie

Jouw mening telt!

Deel jouw mening met meer dan 400.000 HLN-bezoekers

 

© De Persgroep Publishing. Alle rechten voorbehouden. Lees de gebruiksvoorwaarden.

Mediargus Metriweb