Amper 2 op de 5 politieagenten wonen in de zone waar ze werken. Vooral de steden blijken een weinig geliefde woonplaats voor agenten. Dat concludeert N-VA-kamerlid Ben Weyts op basis van cijfers die hij opvroeg bij minister van Binnenlandse Zaken Annemie Turtelboom (Open Vld). Weyts pleit voor campagnes en een premie.
Uit de cijfers die de N-VA'er bekwam, blijkt dat amper 43% van de politieagenten woont in de tewerkgestelde politiezone. In Vlaanderen is dat 49%, in Wallonië 51%, maar in Brussel zakt dat aandeel tot 11%.
De provincies waar de meeste agenten wonen in hun eigen politiezone, zijn Limburg (67%) en West-Vlaanderen (60%). In Antwerpen bedraagt het aantal 36%.
Volgens Weyts zijn er twee tendensen. Enerzijds willen agenten niet wonen in bepaalde gemeenten of steden omdat het er te duur is. Daarnaast weerhoudt ook het veiligheidsgevoel en de criminaliteit politieagenten ervan om te wonen waar ze werken. Zo werken in de zone Brussel-Elsene 2.345 agenten, waarvan 6% er ook effectief woont. Kampioen blijkt de zone Brussel-Zuid (Anderlecht, Vorst en Sint-Gillis) waar minder dan 5% van de agenten woont.
Centrumsteden als Lommel (80%), Hasselt (72%), Oostende (54%) of Aalst (52%) scoren dan weer boven het gemiddelde.
Volgens het N-VA-kamerlid moet wonen in de tewerkgestelde politiezone beloond worden. Hij haalt het voorbeeld van Schaarbeek aan, waar ze fors hebben ingezet op de nabijheidspolitie. Weyts stelt voor om campagnes te lanceren waarin alle voordelen van het dicht bij huis werken in de verf worden gezet. Weyts is ook voorstander van een premie. (belga/mvl)
Meld je aan of registreer je om een reactie te plaatsen!


