Een provocerende installatie van de kunstenaar Noam Braslavsky beroert momenteel de Israëli's. In de stijl van Madame Tussauds wassen figuren beeldt Braslavsky de 82-jarige oud-premier Ariel Sharon levensecht en levensgroot uit in diens huidige, comateuze toestand: op het ziekbed, met open ogen die in de leegte staren, langzaam ademend en aan het infuus. Vanaf donderdag toont de al 20 jaar in Berlijn wonende kunstenaar zijn hyperrealistische installatie in de Kishon Gallery in Tel Aviv.
De echte Sharon ligt al sinds 4 januari 2006 in een coma in een ziekenhuis in Tel Aviv, waar hij kunstmatig in leven wordt gehouden. De 49-jarige kunstenaar zegt vertrokken te zijn vanuit zijn interesse voor het "fenomeen Sharon". Volgens Braslavsky verdween Sharon van het politieke toneel net op het moment dat hij op politiek vlak de overstap van "krijger" naar "vredesstichter" of "alleszins iemand die niet meer over de Palestijnen wilde heersen" aan het maken was.
"Wanneer een leider sterft of gedood wordt, heb je normaal een periode van rouw. Dat is er bij Sharon niet geweest". Maar zijn installatie is geen vorm van idolatrie, zegt de kunstenaar. Verwijten dat zijn werk een gebrek aan respect toont voor de ex-premier, wuift hij eveneens weg.
Sharon is/was één van de meest omstreden politici die de Joodse staat heeft voortgebracht. Over het algemeen wordt hij door rechts bewonderd en door de rest, onder meer door zijn rol bij de slachtpartijen van Sabra en Chatila, gehaat. (belga/kve)


