Kritiek op wat er uit de Britse muziekstudio's komt is er altijd: "Bands halen over het Kanaal al de voorpagina van 'Spin' of 'NME' nog voor ze hun instrumenten gekocht hebben" of "De hype waait steeds voorbij voor-ie goed en wel begonnen is." Daar zal vast wel iets van aan zijn, maar je kan er niet omheen dat 2011 een formidabel jaar bleek voor de Britse muziek. Onze tien favoriete releases uit het aanbod. Op onze Spotify-pagina stelden we een playlist samen met de beste nummers uit die albums. De link vind je onderaan het artikel.
The Vaccines rijden niet elk nummer van hun debuutplaat in zesde versnelling uit. Met 'Post Break-Up Sex' schreven ze een klassieke Britpopsingle en het magnifieke 'Wetsuit' is een 24-karaats stadionhymne.
PJ Harvey.
© photo news.
Noel Gallagher.
© getty.
Guy Garvey (Elbow).
© getty.
Tom Meighan (Kasabian).
© photo news.
Chris Martin (Coldplay).
© photo news.
Thom Yorke (Radiohead).
© afp.
Faris Badwan (The Horrors).
1. 'What Did You Expect from The Vaccines' (The Vaccines)
Zijn het The Libertines? Is het Joe Strummer? Nee, dat is het niet! The Vaccines debuteerden pas in 2011 op cd, maar het Londense viertal grossiert in de aanstekelijke melodieuze punkrock waarmee The Clash en de jonge Pete Doherty al decennialang puberharten doen sneller slaan en oude zakken laten geloven dat ze opnieuw snelle pubers zijn.
De single 'Wrecking Bar', een hype op zich omdat-ie op nog geen anderhalve minuut afklokt, bezorgt zelfs de saaiste droogkloot de onbedwingbare impuls om luid brullend op en neer te gaan springen, 'Norgaard' tapt uit datzelfde vaatje hyperaanstekelijke 'teenage kicks'. Het comité voor de Nobelprijs Literatuur ligt er vast niet van wakker, maar wij gaan elke luisterbeurt plat voor briljante ongeinlyrics als 'Her mind's made up, she don't want to go steady/She's only seventeen so she's probably not ready'.
Niet dat The Vaccines elk nummer in zesde versnelling uitrijden. Met 'Post Break-Up Sex' schreven ze een klassieke Britpopsingle en het magnifieke 'Wetsuit' is een 24-karaats stadionhymne. De geschiedenis leert ons dat niet elk opwindend nieuw bandje een heel lang leven beschoren is, maar God: laat deze jongens op Werchter het hoofdpodium bestormen en vooral een even briljante tweede plaat maken voor het met hen faliekant zou mislopen.
2. 'Let England Shake' (PJ Harvey)
Dense verwijzingen naar Engelse geschiedenis, literatuur en oorlogsgruwel, een hervonden persoonlijkheid als hoogstemmige priesteres en een hoofdrol voor obscure instrumenten als de autoharp: moet het nog gezegd dat PJ Harveys jongste worp geen gemakkelijk plaatje is? Een groeiplaat als we er ooit één hoorden, eentje die je na genoeg luisterbeurten bij het nekvel grijpt en je kwansuis tegen het prikkeldraad van de slagvelden der geschiedenis katapulteert. Naast het titelnummer horen 'The Words that Maketh Murder' (met een echo van Eddie Cochrans 'Summertime Blues') en 'This Glorious Land' tot het beste wat 2011 muzikaal voortbracht.
3. 'Noel Gallagher's High-Flying Birds' (Noel Gallagher's High-Flying Birds)
Het schielijk heengaan van ultieme Britpopband Oasis is op zich niks om vrolijk van te worden, zeker niet als frontman Liam Gallagher nadien hogere ogen gooit met zijn kledinglijn Pretty Green dan met zijn nieuwe band Beady Eye. Broer en voormalig Oasis-gitarist Noel Gallagher toont dat het einde van die groep wél tot heel erg mooie dingen kan leiden. Het titelloze debuut van Noel Gallagher's High-Flying Birds is een verkwikkende wandeling door de popgeschiedenis van de late sixties tot nu, waarbij de grote voorbeelden The Kinks (op pakweg 'Soldier Boys and Jesus Freaks') en The Beatles net als in de betere Oasis-dagen nooit ver weg zijn. De eerste single 'The Death of You and Me' maakte al een sterke indruk, maar veel andere songs op de plaat zijn minstens even goed. 'aka... What a Life!' heet een van die nummers, 'aka... Wat een plaat!' willen wij daar heel graag aan toevoegen.
4. 'Build a Rocket Boys!' (Elbow)
Wie erbij was op de jongste editie van Rock Werchter, kan niet anders dan beamen dat het concert van Elbow een van de hoogtepunten van het festival was. Guy Garvey - de hartelijkste mens die we het voorbije jaar op een podium zagen - en zijn band hadden op voorhand gewonnen spel, want met 'Build a Rocket Boys!' namen ze een geweldige nieuwe plaat mee naar de weide. Op hymne 'Open Arms' heeft u wellicht al luidkeels staan meezingen, dus die song hoeven we niet meer voor te stellen. Maar ook in knap geconstrueerde nummers als 'Dear Friends' of 'The Night Will Always Win' doen de sympathieke, geestige observaties van Garvey de luisteraar smelten. 'Build a Rocket Boys!' is een warme, innemende plaat die we tijdens de koude feestdagen met plezier nog 's in de cd-speler mikken.
5. 'Colour of the Trap' (Miles Kane)
Catchy rock ('Inhaler') of briljante popdeuntjes die zelfs na de vijfhonderdste keer fris als een gekoelde dauwdruppel blijven ('Rearrange'): de jonge, supergetalenteerde Miles Kane schudt ze op zijn debuutplaat uit zijn mouw alsof het hem geen spatje moeite kost. Niet dat Kane een echte debutant is - twee jaar geleden bewees hij met de Last Shadow Puppets-plaat 'The Age of the Understatement' al tot welke grootse dingen hij in staat is. Zijn solodebuut, dat bol staat van vettige orgels, aanstekelijke vocals en soul die recht uit de garage komt, toont dat hij niet altijd aan het handje van maatje Alex Turner hoeft te lopen. Zoals zoveel generatiegenoten speelt Miles Kane graag en gretig leentjebuur bij The Beatles en de glamrock van de jaren '70. Maar weinigen slagen erin om die invloeden zo opwindend en aanstekelijk te laten doorklinken.
6. 'Velociraptor!' (Kasabian)
Van een stelletje over voetbal en bier kelende Oasis-klonen tot de nieuwe hoop van de Britse rock: Kasabian heeft vooral de jongste twee jaar een indrukwekkend parcours afgelegd. Met 'West Ryder Pauper Lunatic Asylum' uit 2009 zette de groep een erg hoge standaard die opvolger 'Velociraptor!' niet helemaal evenaart, maar toch haalt ook het vierde volwaardige studioalbum van de groep uit Leicestershire met de vingers in de neus ons eindejaarslijstje. Denk maar aan de titeltrack, een vrolijke lap geweld die onze dag steevast goed maakt (en gelooft u ons vrij: daar is véél voor nodig, tegenwoordig), de oriëntaalse ritmes van 'Acid Turkish Bath (Shelter from the Storm') en radiohit 'Days Are Forgotten', een pareltje waarin psychedelica en 21ste-eeuwse pop hand in hand gaan, zelfs in de LL Cool J-remix niet stuk te krijgen.
7. 'Mylo Xyloto' (Coldplay)
Als u de titel van de jongste Coldplay niet kan onthouden, uitspreken of begrijpen, hoeft u daar niet meteen mee in te zitten. De band heeft zelf namelijk ook geen idee waar 'Mylo Xyloto' nu precies op slaat. "Het klinkt gewoon fris", vindt frontman Chris Martin. En fris, dat is een adjectief dat op heel de plaat van toepassing is. Hoewel Coldplay tot de absolute wereldtop behoort, valt er op dit vijfde volwaardige album niks te horen van de druk en het 'ennui' die zo'n status onvermijdelijk met zich meebrengt. Coldplay voert 'de fun, de hits' hoog in het vaandel, en je hoort een groep die zich moet hebben geamuseerd in de studio. 'Every Teardrop Is a Waterfall' (yep, dat nummer dat begint als 'I Go to Rio' van Peter Allen) koppelde speelsheid aan succes, maar ook 'Charlie Brown' en 'Hurts Like Heaven' reden zich meteen naar de kop van het 'instant popklassiekers'-klassement.
8. 'The King of Limbs' (Radiohead)
Het lang geanticipeerde 'The King of Limbs' is wellicht niet de allerbeste Radiohead-plaat. Die eer is allicht voor klassiekers als 'Kid A', 'OK Computer' of 'The Bends' weggelegd. Maar zelfs op een wisselvallig dagje komen de muzikale avonturiers rond Thom Yorke en Jonny Greenwood nog met een plaat voor de dag waarvoor de concurrentie allevier zijn ledematen veil heeft. De kans is klein dat u op weg naar de bakker vrolijk spannende klankschappen als 'Little by little' of 'Lotus Flower' zal lopen fluiten, maar de ambities van Radiohead liggen al langer richting experiment en weg van de popdeun. De voorbije zomer was Radiohead notoir afwezig op de festivalpodia van deze contreien, hopelijk brengt 2012 daar verandering in.
9. '21' (Adele)
'21', het tweede album van de altijd nog maar 23-jarige Londense Adele, is absoluut een van de populairste in dit lijstje. Met 'Rolling in the Deep', 'Set Fire to the Rain' en 'Someone Like You' leverde de plaat drie van de bekendste songs van het voorbije jaar af: wereldwijd vertoefden haar hits wekenlang in de topregionen van de hitparade. Qua erkenning deed 2011 in haar thuisland en in de Verenigde Staten nog een stevige schep bij het succes van Adele, die sinds het vroegtijdig heengaan van Amy Winehouse geen concurrentie meer moet vrezen in de strijd om de titel 'Strafste Britse Stem van Het Moment'. Zo stak ze dit jaar drie American Music Awards op zak, en als we op de rist nominaties kunnen voortgaan, mag ze daar binnenkort nog een rijtje verse Grammy's naast zetten op de schoorsteenmantel.
10. 'Skying' (The Horrors)
Ronald Reagan en de Berlijnse muur zijn er al lang niet meer, maar de financiële heisa en De Crisis die het begin van de jaren '80 domineerden zijn helemaal terug. In die sfeer blijken nu, net zoals toen, donkere en weemoedige platen uitstekend te gedijen. Onze favoriete 'nieuwe' post-punkband is The Horrors, die het geluid van Siouxsie & The Banshees en de songsmeedkunst van Echo & The Bunnymen aan elkaar koppelden en naar de 21ste eeuw vertaalden. Voor The Horrors een derde plaat en een evenzoveelste geluid, want fans van het eerste uur schrokken zich twee jaar geleden al een hoedje toen de garage-sound van het debuut op de tweede plaat 'Primary Colours' baan ruimde voor psychedelica en The Jesus & Mary Chain. Met 'Skying' doen The Horrors niet onder voor die terecht bejubelde voorganger en kiest de ambitieuze band opnieuw voor verrassing. (tw)
Luister hier naar de beste songs uit HLN.be's 10 beste Britse platen van 2011


