De Franse autoconstructeur Renault is in beroep schuldig bevonden aan rassendiscriminatie tegenover twee voormalige werknemers. Zij meenden dat ze wegens hun afkomst een minder interessante loopbaan hadden dan hun blanke collega's. "Het is de eerste keer dat het gerecht, dat nochtans erg aarzelend is op dat gebied, Renault schuldig bevindt aan rassendiscriminatie", zei meester Florence Laussucq-Caston, de advocaat van de twee ex-werknemers, van wie de eis in 2005 in eerste aanleg afgewezen werd.
Schadevergoeding
Renault moet Lucien Breleur, die van 1971 tot 2003 als auto-elektricien bij de constructeur werkte, een schadevergoeding van 80.000 euro en een morele schadevergoeding van 8.000 euro betalen. Ook moet Renault Daniel Kotor, die tussen 1983 en 2004 gespecialiseerd arbeider en nadien administratieve kracht was, 60.000 euro schadevergoeding en eveneens een morele schadevergoeding van 8.000 euro storten. Het hof wees de eis van drie andere oud-werknemers en een huidig werknemer daarentegen af. Renault reageerde dat de onderneming "altijd racisme onder al zijn vormen veroordeeld heeft" en "in geen geval aan rassendiscriminatie doet".
Afrikanen
De zes eisers, van Togolese en Algerijnse origine, werden vanaf 1966 op verschillende momenten in dienst genomen en vroegen een schadevergoeding van ongeveer een miljoen euro, omdat ze meenden dat ze tijdens hun carrière benadeeld werden wegens hun huidskleur. Na het bestuderen van de carrière-evolutie van tien werknemers blijkt volgens het hof dat "de andere werknemers allemaal een grotere evolutie kenden dan meneer Breleur en Kotor", hoewel die laatsten positief geëvalueerd werden. (belga/kh)


