Minister van Pensioenen Vincent Van Quickenborne (Open Vld)
© belga.
Een derde van de Belgen wil zeker niet tot zijn 65ste werken. Dat blijkt uit een enquête van pensioenverzekeraar Delta Lloyd bij 1.450 respondenten.
Hoelang wil jij werken?
De resultaten werden vandaag voorgesteld en minister van Pensioenen Vincent Van Quickenborne ging naar aanleiding daarvan in debat met 40 burgers. De minister merkte op dat het aantal mensen dat wél langer wil werken, jaar na jaar groeit.
Arbeiders en ambtenaren
Bij arbeiders en ambtenaren boven de vijftig is het verzet het grootst: 52 procent wil niet tot zijn 65ste aan de slag blijven. Van alle respondenten zegt 18 procent dan weer wel "bereid" te zijn te werken tot 65, en nog eens 31 procent "zeker". Bij de zelfstandige vijftigplussers (64 procent) en de studenten (52 procent) is de bereidheid om lang te werken het grootst.
Van Quickenborne benadrukte dat er maatregelen nodig zijn zodat mensen ook langer kunnen werken, op een menselijke manier. Daarnaast werkt hij aan een plan om het aanvullende pensioen te versterken. Dat moet mensen volgens de minister meer pensioencomfort geven.
Pensioen volgen op internet
Een vrouw deed haar beklag bij de minister dat ze door haar gemengde carrière, als zelfstandige en werknemer, niet weet waaraan ze zich kan verwachten als ze op pensioen gaat. Van Quickenborne gaf haar gelijk en zei ervoor te willen zorgen dat iedereen op elk moment de opbouw van zijn pensioen kan volgen via het internet. Daarvoor moet de overheid wel nog verder informatiseren, zei hij.
Opvallend was ook dat Van Quickenborne tijdens het debat inging op de discussie over de lonen, die aan het begin van een carrière laag zijn en verhogen naarmate iemand langer werkt. Ondernemersorganisatie Voka lanceerde het idee om jongeren sneller een hoger loon te geven. De minister deelt de mening dat er over dat systeem moet worden nagedacht, al erkende hij dat het om een delicate kwestie gaat waar nog veel weerstand tegen bestaat.


