Mario Draghi, voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB).
© reuters.
Zoals verwacht heeft de Europese Centrale Bank (ECB) ervoor gekozen om haar belangrijkste rentevoet op 1 procent te houden, het niveau dat al sinds december vorig jaar wordt aangehouden. Dat blijkt vandaag na de beslissing van de raad van bestuur van de ECB in Barcelona.
Twee keer per jaar houden de ECB-toplui hun beleidsvergadering niet in thuishaven Frankfurt. Hun passage in het Spaanse Barcelona bleef niet onopgemerkt. Liefst 8.000 politieagenten moesten de veiligheid verzekeren tijdens de vergadering. De autoriteiten vreesden immers dat mogelijke protesten op geweld zouden uitdraaien.
Economen hadden niet verwacht dat de ECB het monetaire beleid zou wijzigen, hoewel voorzitter Mario Draghi vorige week wel wat gas terugnam over de economische vooruitzichten. Hij pleitte voor een "groeipact" en structurele hervormingen. In november en december vorig jaar ging de rente voor het laatst omlaag, telkens met 25 basispunten. Onder de 1 procent ging de rente nog nooit.
Het hoofddoel van het monetaire beleid van de ECB bestaat erin de prijzen stabiel te houden. De instelling mikt daarbij op een inflatie op middellange termijn van net geen 2 procent. De inflatie in de eurozone zit daar echter al een tijdje boven. Zo gaat de ECB uit van een inflatie van 2,4 procent dit jaar.


