Een pijpleiding in de Amerikaanse staat Alaska is goed op weg om de volgende grote olieramp te worden. Het ene na het andere ongeval teistert de olieleiding. En toevallig is BP opnieuw de grootste aandeelhouder.
Het Trans-Alaska Pipeline System is meer dan 1.280 kilometer lang en bevat 11 pompstations. Dertig jaar geleden werd de pijpleiding ingehuldigd als een uniek evenement in de sector. De leiding zou dagelijks zo'n 650.000 vaten olie door de wildernis van Alaska vervoeren. Maar nu is het een ernstig risico geworden, meldt CNN. BP zou ook hier besparen op het onderhoud en de veiligheid van de pijpleiding.
Miljoenenboete
Eigenaar van de pijpleiding is Alyeska, een bedrijf waarvan BP 46 procent van de aandelen bezit. Volgens Republikein Bart Stupak waren er de voorbije maanden verschillende incidenten die zich opstapelen. Er werd echter geen probleem van gemaakt, tot de olieramp in de Golf van Mexico eind april.
Alyeska kreeg al acht zware boetes voor overtredingen op het vlak van veiligheid en onderhoud. Maar het bedrijf vocht ze aan en heeft nog geen cent van de ongeveer één miljoen dollar betaald.
5.000 vaten olie
Het grootste drama gebeurde in mei, toen 5.000 vaten olie wegstroomden nadat een pomp het liet afweten. Vroeger was dat station nog bemand, maar intussen gebeurt de werking volledig automatisch, ook weer om kosten te besparen. Gevreesd wordt dan ook dat de pijpleiding in Alaska de basis kan vormen voor een nieuwe olieramp, dit keer echter eentje op het vasteland. (gb)


