Graspop Metal Meeting stevent af op recordeditie

Wil je dit artikel later lezen? bewaar
Door: redactie
25/06/11 - 02u50
© reuters.

De 16de editie van de Graspop Metal Meeting startte onder een bewolkte hemel, en kreeg ook af te rekenen met enkele buien. Het talrijk opgekomen publiek - volgens organisator Peter Van Geel stevent het festival af op een nieuw record met zo'n 140.000 bezoekers in drie dagen - kon echter rond 15:00 uur de regenjasjes opbergen en zelfs de zonnebrillen bovenhalen. Aan de succesformule van de afgelopen jaren werd niet gesleuteld. De Metal Meeting telt nog steeds vier volwaardige podia: het hoofdpodium, de Metal Dome en twee marquees.

Donderdagavond werd het feestje al in gang getrapt met de Red Bull Bedtime Jam, waardoor niet iedereen de dag erna uit zijn tent geraakte voor de rockers van FN. De opener kon wel al meteen rekenen op een goed geluid, maar Dio Disciples kreeg de wei pas echt wakker met 'Stand up and Shout' van Ronnie James Dio. De stem van de vorig jaar overleden zanger was echt uniek, maar deze tributegroep met Tim Owens aan de microfoon is 'the next best thing'.

Dessel, dorp der hoop
Foreigner speelde een erg stevige set, die letterlijk in het water viel door een stortbui. Gelukkig hadden ze het gretig meegezongen 'I Want to Know What Love is' bewaard tot na de regen. De ouwe rotten speelden alleszins erg solide, net als Journey. De zanger daarvan droeg 'City of Hope' op aan Dessel, en de zonnebrillen van de groepsleden toverden zelfs de zon tevoorschijn. 'Wheel in the Sky' - zalige samenzang! - deed een groepje mensen in onze buurt rondhuppelen in een cirkel, en 'Faithfully' zette twee mannen naast ons zelfs aan tot een slow. Het was tenslotte al bijna avond, en de drank vloeide rijkelijk.

De gezapige hardrock van de heren werd even later echter compleet weggeblazen door Korn, dat werkelijk vernietigend opende met 'Blind'. De in een kilt geklede zanger Jonathan Davis - volgens een vrouwelijke collega droeg hij exact hetzelfde als tien jaar geleden - haalde werkelijk alles uit de kast, net als de rest van de groep. De band heeft geen nieuwe plaat te promoten, en maakte er een 'greatest hits'-show van, aangevuld met enkele recente nummers en fragmenten 'One' (Metallica) en 'We Will Rock You' (Queen). De handjes gingen in de lucht tot ver voorbij de PA-toren, en de groep maakte dan ook nog eens duidelijk de jarenlange steun van de fans erg op prijs te stellen. Veel gebabbel was er voor de rest niet bij, gebeuk des te meer. Het knallende 'Y'all want a single' sloot de stomende set af.

Tenten
In de tenten kregen enkele groepen heel wat minder bijval. Bij Corrosion of Conformity lag tegen het einde van de set op amper vijf meter van het podium een kerel gewoon te slapen, waarna er nog amper een man of drie vroeg om bisnummers. De 'supergroep' The Damned Things speelde voor een halflege marquee, hoewel ze het publiek op het hart drukten zich al lang niet zo geamuseerd te hebben. Sepultura is natuurlijk al lang niet meer wat het geweest is, en over het optreden van deze groep waren de meningen echt enorm verdeeld. Epica daarentegen liet Marquee 1 goed vollopen, en enkele vlammen waren de kers op de taart van een stevige set. Met nog enkele nummers te gaan, vertrok na 'Cry for the Moon' ook hier echter  een groot deel van het publiek naar het hoofdpodium voor Volbeat.

Ex-Guns n' Roses-bassist Duff McKagan had dan weer de pech in de Metal Dome op te treden terwijl Volbeat de weide aan het platwalsen was. De arena's met Axl Rose zijn ver weg, wanneer je in de kleinste tent amper volk lokt. De Denen van Volbeat kregen zowat heel het publiek moeiteloos mee, met veel dubbele basdrum en een uitstekend in vorm zijnde zanger Michael Poulsen. Ze haalden ook nog 'Angelfuck' van de Misifts boven, alsof dat nog nodig was.

In Marquee 1 illustreerde Matt Barlow dan weer hoe erg zijn zang het geluid van Iced Earth bepaalt, en hoe hard de band hem na zijn tweede (en definitieve) vertrek gaat missen. De hoge uithalen deden bijna pijn aan de oren, en de groep speelde zoals altijd enorm strak.

Schorpioenen steken
Scorpions werd daarna een van de beste headliners in jaren. De Duitsers willen stoppen op hun hoogtepunt, en verkeren ook effectief in topvorm. Een zestiger met een lederen broek -  enfin, zowat elke vent met een lederen broek - is al snel een pathetisch zicht, maar de heren van Scorpions komen er gewoon mee weg. Muziek houdt je jong is hun credo, en de heren staan dan ook op het podium als een stel jonge honden. De immer bekkentrekkende Rudolf Schenker molenwiekt er met zijn flying V op los, en Klaus Meine zingt nog steeds beter dan veel collega's die drie (!) keer jonger zijn.

De band trapte af met 'Sting in the Tail' van de gelijknamige jongste cd, waar ook 'Raised on Rock' en 'The Best is Yet to Come' uit werden bovengehaald.  Erg veel respons kregen de nieuwe nummers niet, maar dat is voor ons gewoon een teken dat veel te weinig mensen de enorm sterke cd kennen. Hoewel het publiek aanvankelijk eerder tam reageerde, stonden er toch toeschouwers tot aan de marquees.

'Tease me, Please me' en 'Dynamite' klonken velen wat bekender in de oren, en na de ietwat overbodige drumsolo  - James Kottak  toonde de enorme 'rock 'n' roll forever'-tattoo op zijn rug! - kregen de fans nog nummers als 'Blackout', 'Big City Nights', 'Still Loving You', 'No-one Like You' en afsluiter 'Rock You Like a Hurricane'. Nee, geen 'Wind of Change'... "We zijn een hardrockgroep!", drukte Klaus Meine ons voor het optreden nog op het hart. De schorpioen deelt zijn laatste steken uit, maar ze zijn wel raak. (sam) 


Jouw mening telt !

Meld je aan of registreer je om een reactie te plaatsen!