Ozzy Osbourne, de excentrieke Engelse metalzanger, staat zaterdag 25 juni op het hoofdpodium van de Graspop Metal Meeting. Hij mag er dan solo de dag afsluiten, na andere oude glorieën zoals Judas Priest en Whitesnake. In zijn autobiografie 'I am Ozzy' stelt hij zijn leven voor op geheel eigen manier ... fucking awesome. Aan het einde van het boek stel je jezelf dezelfde vraag die Ozzy door zijn dokter voorgeschoteld kreeg: "Hoe komt het dat jij nog steeds in leven bent?"
Alles aan het boek is typisch Ozzy. Het begint al met de disclaimer: "Andere mensen zullen zich bepaalde dingen uit dit boek zeker anders herinneren. Ik ga hen zeker niet tegenspreken. De laatste 40 jaar heb ik me volgestopt met drank, coke, heroïne, rohypnol, en nog vele andere dingen, al dan niet in combinatie met elkaar. Laat ons zeggen dat ik geen verdomde Encyclopedia Britannica ben. Wat je te lezen krijgt, is wat ik uit de pudding die mijn brein is, heb kunnen persen. Niets meer, niets minder..."
Over zijn succes bij de vrouwen:
"Zelfs nadat we onze eerste gouden plaat kregen, kon ik nooit de knappe vrouwen krijgen in Engeland. Black Sabbath was een band voor gasten. We maakten er grapjes over dat de enige groupies die naar onze optredens kwamen, 'twee-zakkers' waren. Voor je met hen in de koffer kon duiken, moest je minstens twee zakken over hun hoofd trekken. Eén was niet genoeg. Meestal waren het zelfs vijf- of zes-zakkers. In Amerika daarentegen, kwamen de grieten recht naar mij en zeiden: 'Hey, laten we vrijen'. Ik moest zelfs geen moeite doen."
Over een bepaalde nacht in een Holiday Inn:
"Op een keer klopte er midden in de nacht iemand op mijn deur. Ik deed open en daar stond een mooie vrouw, enkel in een nachtjapon, die ze meteen uitdeed. Ik liet ze dan maar binnen. Toen zij terug buiten ging, kwam er even later een nieuwe. Daarna nogmaals een andere. Uiteindelijk besliste ik om eens proberen uit te zoeken vanwaar al die groupies maar bleven komen. Bleken ze te zijn ingehuurd door onze manager als cadeautje. En rond het zwembad lagen er nog veel meer!"
Over hoe iedereen altijd overdrijft:
"Ze hebben al zotte dingen over mij gezegd. Akkoord, ik heb de kop van een vleermuis afgebeten. Ja, ook bij een duif. Maar dan hoor je mensen zeggen dat ik niet wilde optreden voor ik vijftien puppies zou hebben gedood. Komaan zeg. Ik hou van puppies. Ik heb thuis achttien van die klotedingen. Ik moet wel zeggen dat ik enkele koeien heb gedood. En kippen."
Over zijn doodsangsten:
"Al die gekke verhalen spoken door mijn hoofd. Ik heb dertig jaar lang dodelijke combinaties drugs en alcohol genomen. Ik heb een vliegtuigcrash overleefd, net zoals dodelijke overdosissen en seksueel overdraagbare aandoeningen. Ik ben eens aangeklaagd voor poging tot moord. Maar het dichtste kwam ik nog bij de dood toen ik over een bobbel reed met mijn quad tegen vijf verdomde kilometer per uur."
Over zijn ontslag uit de gevangenis:
"Ik was vrij, en ik had de gevangenis overleefd zonder in mijn kont te zijn genaaid. Ik was ook niet tot moes geslagen. Waarom voelde ik me dan zo treurig?"
Maar hoe ziet hij uiteindelijk zichzelf?
"Veel van dit alles was zeker niet mooi. Ik heb slechte dingen gedaan. Ik ben altijd aangetrokken geweest tot de donkere kant. Maar ik ben niet de duivel. Ik ben gewoon John Osbourne: een jongen uit de werkende klasse van Aston, die zijn job in de fabriek heeft achtergelaten en gewoon op zoek ging naar een feestje." (sg)


