© reuters.
Amerikaanse media zijn uranium, geschikt voor de productie van kernwapens, op het spoor gekomen. Hoewel ze het existentieel bedreigend goedje waarschijnlijk dachten aan te treffen in een donkere krocht in het Midden-Oosten, bleek het eigenlijk dertig jaar lang aan de Amerikaanse oostkust gelegen te hebben.
Nieuwszender CNN meldde vandaag dat fotografieconcern Kodak in Rochester, New York, van 1974 tot 2006 een geheim labo met een kleine kernreactor had voor onderzoeksdoeleinden.
In het labo, niet ver van de toeristische attractiepool Niagara Falls, bevond zich zowat anderhalve kilo verrijkt uranium. Om een atoombom ineen te knutselen, is echter het tienvoudige nodig, aldus nucleaire deskundigen op CNN. Volgens Kodak volstond het materiaal niet om een nucleaire kettingreactie in gang te zetten.
Terreur
Onvermijdelijk kwam ook het terreurgevaar ter sprake. Critici vrezen namelijk dat terroristen ook in staat kunnen zijn om in zulke labo's een atoombom te vervaardigen. Edwin Lyman van de Unie van Bezorgde Wetenschappers zei dat "het niet meer toegelaten zou mogen zijn dat private bedrijven uranium verrijken". Toch zou de installatie geen echte kernreactor geweest zijn. Wel gbruikte Kodak de apparatuur om nieuwe producten te testen.
Volgens CNN was het uranium tot 93,4 procent verrijkt. Ter vergelijking: Iran ondergaat de zwaarste economische sancties omdat het voor de vervaardiging van isotopen uranium tot 20 procent heeft verrijkt. Voor het vervaardigen van een atoombom is hoogverrijkt uranium nodig (vanaf 85 procent).
De Eastman Kodak Company legde in januari de boeken neer. Het bezorgde de Amerikaanse overheid het nucleaire materiaal in 2007. Tot die tijd werd het gevaarlijke goedje niet bewaakt.


