Olympische zwembaden vol radioactief afval

bewaar artikel
Door: redactie
22/04/10 - 07u00

Eén van de grootste nadelen van kernenergie is het radioactieve afval dat nog vele generaties lang een groot risico blijft voor mens en milieu. Tegen 2070 zal er in België 85.000 m³ kernafval zijn, dat is zoveel als 34 volle olympische zwembaden. Toch is er geen oplossing voor de definitieve opslag van het afval. En de Belgische lozingen van kernafval in de oceanen mogen dan wel gestopt zijn, het afvalwater dat in de Nete gedumpt wordt, blijkt niet zo zuiver als gedacht.

 Het volume hoogradioactief afval bedraagt om de veertig jaar één tennisbal per persoon, dus ongeveer twee tennisballen per mensenleven. Al die tennisballetjes samen zorgen voor 97,5 procent van alle radioactieve straling in ons land.  
 Bij vaten gemaakt voor 1989 zijn er in de tijdelijke opslagplaats in Dessel later gebreken opgedoken zoals roestvorming en beschadigingen aan de binnenkant. Volgens NIRAS kon de roest in sommige gevallen de perforatie van de vaten tot gevolg hebben.  
 Hoewel er in België in 2003 volgens NIRAS al 2.400 ton hoogradioactief afval lag, is er nog altijd geen definitieve opslagplaats voor. Meer nog: in België is er zelfs nog altijd geen definitieve opslagplaats voor het laag- en middelactief kernafval.  
 In 2008 loosde Belgoprocess via een ondergrondse pijpleiding 23.009 m³ gezuiverd afvalwater in de Nete. Maar hoe zuiver is gezuiverd? Greenpeace nam grondstalen aan de oevers van de Nete. Zes van de 21 stalen overschreden de normen voor radioactiviteit en kunnen dus worden beschouwd als kernafval.  

Om het even welk energieproces maakt afval. Kernenergie is hierop geen uitzondering. Het grote probleem met kernafval is dat het radioactief geladen is: het geeft een ioniserende straling af die nog vele miljoenen jaren een gevaar is voor mens en milieu. Hoe lang precies, hangt af van de intensiteit en de levensduur van de straling, maar de kleinste dosis is genoeg om je genetisch materiaal aan te tasten.

Extreem gevaarlijke tennisballetjes
Volgens het NIRAS (Nationale Instelling voor Radioactief Afval en verrijkte Splijtstoffen) zit België in 2070 met 69.900 m³ kortlevend laag- of middelradioactief afval, 10.430 m³ langlevend laag- of middelradioactief afval en 4.500 m³ langlevend hoogradioactief afval. Tegen 2070 zullen we in België dus ongeveer 85.000 m³ kernafval moeten beheren. Dat komt overeen met de inhoud van 34 olympische zwembaden. Het grootste deel van dat afval bestaat uit voorwerpen die in radioactieve omgevingen gebruikt zijn, zoals beschermende kleding, filters en gereedschap.

Het volume hoogradioactief afval bedraagt om de veertig jaar één tennisbal per persoon, dus ongeveer twee tennisballen per mensenleven. Dat lijkt mee te vallen, maar vergeet niet dat er al meer dan 10 miljoen Belgen zijn. Al die tennisballetjes samen zorgen voor 97,5 procent van alle radioactieve straling in ons land.

Afkoelen in Dessel
Radioactief afval is niet alleen overschot van de productie van kernenergie, maar ook van de geneeskunde, industrie, landbouw en van de ontmanteling van nucleaire centrales. Al dat afval wordt in verschillende stappen verwerkt. Eerst wordt het gesorteerd en geïdentificeerd, zodat elk type afval op de juiste manier behandeld wordt. Daarna wordt het volume verkleind door verbranding of door recyclage.

De volgende stap is het verpakken zodat de radioactiviteit zich niet kan verspreiden. Afhankelijk van het soort afval, wordt het in beton of in glas gegoten en in stalen vaten gestoken. Zo wordt het kernafval tijdelijk bewaard. Bij vaten gemaakt voor 1989 zijn er in de tijdelijke opslagplaats in Dessel later gebreken opgedoken zoals roestvorming en beschadigingen aan de binnenkant. Volgens NIRAS kon de roest in sommige gevallen de perforatie van de vaten tot gevolg hebben. NIRAS beweert dat er op geen enkel moment gevaar is geweest voor de bevolking.

Vrachtwagens vol radioactiviteit
Tijdens al deze fases (het sorteren, reduceren en tijdelijk opslaan) wordt het kernafval vervoerd. In de jaren zeventig werd 672 ton radioactief afval naar La Hague in Frankrijk gevoerd om daar gerecycleerd te worden. Na de recyclage wordt het naar Dessel gebracht, waar kernafval tijdelijk opgeslagen wordt. Tussen 2000 en 2007 werden zo veertien ladingen per vrachtwagen terug naar België gebracht. Tussen 2009 en 2013 zullen nog een twaalftal transporten worden uitgevoerd.

Laatste rustplaats
Radioactief afval kan op twee manieren definitief opgeborgen worden: in de diepte of aan de oppervlakte. Oppervlakteberging houdt in dat de vaten in met mortel gevulde betonnen caissons geplaatst worden, die op hun beurt in grotere betonnen modules geplaatst worden en bedekt met verschillende lagen. In Frankrijk gebeurt dit in Aube, in het Verenigd Koninkrijk in Drigg, in het noorden van Engeland. Maar alleen het kortlevend licht- en middelactief afval kan zo opgeslagen worden, voor het hoogradioactieve afval zijn er serieuzere veiligheidsmaatregelen nodig, zoals diepteberging.

Granietlagen en kristalformaties
Diepteberging is het ingraven van kernafval in een ondoordringbare grondlaag. Dat gebeurt bijvoorbeeld in de Amerikaanse staat New Mexico. 650 meter diep in een zoutlaag onder de Chihuahuan woestijn wordt laag- en middelradioactief afval definitief opgeslagen. Deze opbergplaats is ongeschikt voor hoogradioactief afval. Dat straalt immers extreme warmte uit, wat water aantrekt. Op die manier zouden de vaten kunnen roesten.

Ondanks grote investeringen in onderzoek, is er in de hele wereld nog geen enkele definitieve bergingssite voor hoogradioactief afval. Maar plannen zijn er genoeg. In juni 2009 besliste Zweden om zijn langlevend afval op te bergen in de granietlagen van Forsmark, 200 kilometer ten noorden van Stockholm. De werken beginnen in 2015 en de site zou in 2024 operationeel zijn. Buurland Finland nam in 2001 de beslissing om het hoogradioactieve afval te bergen in een kristalformatie op het eiland Olkiluoto. Vanaf 2020 zou daar hoogradioactief afval definitief kunnen worden opgeborgen.

Boomse kleilaag
Hoewel er in België in 2003 volgens NIRAS al 2.400 ton hoogradioactief afval lag, is er nog altijd geen definitieve opslagplaats voor. Meer nog: in België is er zelfs nog altijd geen definitieve opslagplaats voor het laag- en middelactief kernafval. Momenteel zorgt Belgoprocess, een dochterbedrijf van NIRAS, voor de tijdelijke opslag van kernafval. Dat gebeurt in Dessel. In 2016 krijgt het kortlevend laag- en middelactieve afval in Dessel een definitieve, oppervlakkige bergingsplaats. De bouw ervan start in 2012.

Het Studiecentrum voor Kernenergie (SCK-CEN) onderzoekt al sinds 1973 of de Boomse kleilaag geschikt is voor de diepteberging van hoogradioactief afval. Volgens internationale studies is dat zo. Toch zijn de eerste bergingen niet voor 2040 gepland. Tot dan ligt een deel van het hoogradioactieve afval dus in Dessel, een ander deel wordt in de kerncentrales zelf bijgehouden.

Aan de oevers van de Nete
Een kerncentrale is slechts één onderdeel van de nucleaire keten, die start in een uraniummijn en eindigt in een bergplaats. In elke stap van die keten worden radioactieve stoffen geloosd. Zo heeft Belgoprocess vergunningen om gezuiverd kernafvalwater in de Molse Nete te lozen. In 2008 loosde Belgoprocess via een ondergrondse pijpleiding 23.009 m³ gezuiverd afvalwater in de Nete.

Maar hoe zuiver is gezuiverd? In mei 2007 nam Greenpeace grondstralen aan de oevers van de Nete op twintig centimeter diepte. Zes van de 21 stalen overschreden de normen voor radioactiviteit en kunnen dus worden beschouwd als kernafval.

4.000 meter diep in de Noord-Atlantische Oceaan ligt 15.765 m³ laagactief radioactief afval. Volgens de Vlaamse MilieuMaatschappij (VMM) dumpte ook België tussen 1967 en 1982 radioactief afval in zee. In 1982 stopte ons land hiermee en sindsdien wordt het afval in Dessel opgeslagen.

Afvalbeperking
De uitdaging waar kernwetenschappers voor staan, is ongetwijfeld de hoeveelheid kernafval te beperken. De Molse MYRRHA-reactor zal hier onderzoek naar doen. De European Pressurized Reactors (EPR) die in Finland en Frankrijk worden gebouwd, zullen alvast vijftien procent minder hoogradioactief afval produceren.

71 jaar na de eerste atoomsplitsing, is het radioactieve afval nog altijd een enorm probleem. Binnen twintig jaar zitten we in België al met 85.000 m³ radioactief afval. Er is nog geen opslagplaats voor en als die er eindelijk komt, zal die nog duizenden jaren gecontroleerd en bewaakt moeten worden. Een zware erfenis om de toekomstige generaties mee op te zadelen.

Morgen lees je op Planet Watch over Obama's tegenstrijdige beslissing om nieuwe kerncentrales te openen en tegelijkertijd de enige opslagplaats voor hoogradioactief afval te sluiten.

Halveringstijd radioactieve stoffen (bron NIRAS)
Toepassingsgebied Halveringstijd
Jodium-123 Nucleaire geneeskunde: diagnostiek 13 uur
Iridium-192 Nucleaire geneeskunde: therapie 74 dagen
Kobalt-60 Nucleaire geneeskunde: therapie 5,27 jaar
Cesium-137 Nucleaire geneeskunde: therapie 30 jaar
Koolstof-14 Ouderdomsbepaling materialen 5.730 jaar
Plutonium-239 Productie kernbrandstof 24.065 jaar
Uranium-235 Productie kernbrandstof 704.000.000 jaar

Jouw mening telt !

Meld je aan of registreer je om een reactie te plaatsen!