In Port-au-Prince wordt de toestand steeds grimmiger. Overlevenden zijn massaal aan het plunderen geslagen. "Alle agenten zijn druk bezig om hun familieleden te redden en te begraven", aldus een inwoner. "Ze hebben geen tijd om in de straten te patrouilleren."
Haïtianen struinen de straten af op zoek naar water en voedsel. "Geld is nu niets waard, water is het betalingsmiddel", getuigt een buitenlandse hulpmedewerker.
Eerste massagraf met 7.000 lijken
Ongeveer zevenduizend mensen die zijn omgekomen door de aardbeving in Haiti, zijn ondertussen begraven in een eerste massagraf. Dat heeft president René Préval donderdag tegen verslaggevers gezegd op het vliegveld van de hoofdstad Port-au-Prince. Hij vergezelde daar het staatshoofd van de naburige Dominicaanse Republiek, Leonel Fernandez. Hij is het eerste buitenlandse staatshoofd dat een bezoek brengt aan het getroffen land.
Lijkzakken al lang op
Lijken werden in vrachtwagens gebracht naar een ziekenhuis in Port-au-Prince. Volgens de directeur van de medische instelling lagen er inmiddels zo'n 1.500 lichamen opgestapeld buiten het mortuarium. Het Rode Kruis in Haïti heeft geen lijkzakken meer en het internationale Rode Kruis stuurt er meer. (mvl)


