Spruitjes zijn niet geheel onlogisch een moeilijke groente voor kinderen om te slikken: een sterke, scherpe geur, een mosgroen kleur en een robuste, bittere smaak. Toch bestaan er manieren om kinderen spruitjes te doen eten... en het draait allemaal om uitzicht, geur en smaak. Dat bleek uit een BBC-reportage over het gebruik van E-nummers in voeding die Canvas gisteren uitzond.
Kinderen zijn uitermate gevoelig voor smaken en geuren. Zoet trekt aan, net als frisse gele, rode en groene kleurtjes. Bitter en zuur zijn dan weer minder geliefd, net als alles wat er niet 'fris' uitziet.
Tegelijk laten mensen in het algemeen zich gemakkelijk voor de gek houden: een tikje kleurstof of een aroma hier en daar kunnen wonderen doen. Uit de reportage bleek al dat met groene kleurstof bewerkte erwten op de voorkeur van enkele proefpersonen kon rekenen, terwijl de niet-gekleurde erwten op exact dezelfde manier werden behandeld en zelfs hetzelfde smaken. De kleurperceptie alleen al verandert onze smaakperceptie.
Spruitjesijs met banaan
Dat werkt bij kinderen even goed. Zes groentenhaters werden uitgenodigd voor een klein experiment. Ze kregen zonder het te weten twee gerechtjes met spruitjes voorgeschoteld. Eén ervan was een spruitjesijs bewerkt met mango-aroma en geserveerd met verse banaan en een kleurrijk parasolletje. Iedereen at het zonder morren op.
De truc met de kleurtjes
Een tweede experiment was iets moeilijker te slikken, en dan vooral voor de oudere proefkonijntjes: spruitjes die rood gekleurd waren met kleurstof. Aan de smaak was niets veranderd. Vier van de zes kinderen aten de rode spruitjes met smaak op. Zo sterk wordt onze smaak dus beïnvloed door kleur.
Eerder in de reportage werd ook een boel oenologen al bedrogen door een druppeltje kleurstof: ze zagen en smaakten rode wijn... maar het was eigenlijk witte wijn met rode kleurstof.
Kritische reflectie gevraagd
De documentairereeks (E-numbers: an edible adventure) tonen een andere kant van de E-nummers in onze voeding. Hoe ze bepalen welke voeding je kiest, wat je lekker vindt en zelfs wat je smaakt.
Boeiend, maar toch mist er iets in de reportage: kritische reflectie. Voedingsjournalist Stefan Gates lijkt wel bezig met een goednieuwsshow, en weerlegt met plezier mythes. Soms terecht (zoals het gebruik van synthetische kleurstoffen), soms te weinig genuanceerd.
Glutamaten en MSG
Het item over de 'smaakversterker' MSG bijvoorbeeld is veel mensen in het verkeerde keelgat geschoten. Zij reageren allergisch op glutamaten, worden misselijk of krijgen hoofdpijn na het consumeren ervan. MSG is een glutamaat, en een stof die vaak wordt gebruikt in de Aziatische keuken en die voeding 'beter' doet smaken.
Glutamaten komen echter ook voor in sommige groenten, zoals champignons en broccoli. Wie gevoelig is aan MSG, reageert even gevoelig op deze groenten. Daaruit besluit Gates dat het probleem niet bij het additief ligt.
Fair enough, maar tegelijk stelt hij het gebruik ervan tout court niet in vraag. Want waarom zou je een smaakversterker gebruiken in de keuken? Als we het nooit zouden gebruiken en consumeren, zouden we de werkelijke smaak van producten gaan waarderen en blijven we niet verlangen naar 'meer en beter', terwijl iets puur op ons bord ligt.
Gates maakt niet de bedenking dat het niet is omdat iets niet schadelijk is, dat je het ook moét gebruiken. Dat lijkt ons nochtans cruciaal, zeker in het verweer tegen de machtige voedingsindustrie. (edp)
Er volgen nog twee reportages over de E-nummers: één over de bewaarmiddelen, en één over zoetstoffen. Canvas zendt deze uit op 24 en 30 januari rond 22h 's avonds. Klik hier voor meer informatie.



