De opvoedingscoach

bewaar artikel
Door: redactie
1/10/08 - 01u07

In Amerika zijn ze al langer in de ban van personal coaching en stilaan raken ook de Belgen van het nut ervan overtuigd. Je persoonlijk laten begeleiden - of het nu gaat om sport, je loopbaan of je outfit - is niet alleen bijzonder trendy, je wordt er ook beter van! Drie lezeressen legden hun twijfels voor aan een coach en delen hun ervaringen.

Jan Jacobs begeleidt kinderen, jongeren en ouders die struikelblokken in de opvoeding tegenkomen, en zet hen op weg om die te overwinnen. Proefkonijn Freja testte de opvoedingscoach uit.

Freja: 'Onze zoon Miro is zo'n twintig maanden oud en we hebben onze handen vol aan hem. Als mijn vriend Renaat en ik hem twee minuten zijn ding laten doen, zien de keuken, eetkamer en living er uit alsof de Slag van Waterloo er heeft plaatsgevonden. En oh wee als we hem iets verbieden: huilen, stampvoeten en theatraal op de grond vallen, het hoort er allemaal bij. Toch kunnen we niet ontkennen dat we zijn vrolijke levendigheid wel leuk vinden, die hoort volgens ons bij zijn leeftijd, maar we waren best nieuwsgierig naar de mening van een professionele derde.'
'Onze zoon houdt blijkbaar van een practical joke: de avond dat Jan op bezoek kwam, gedroeg hij zich voorbeeldig. Weg waren de tranen, verdwenen de driftbuien. Het gesprek verliep stroef in het begin. Jan leek de kat uit de boom te kijken en pikte niet in op onze ervaringen, maar hij had ons gewaarschuwd dat hij zich tijdens een eerste gesprek vooral een beeld van het gezin wil vormen. We vertelden dus honderduit over onze belevenissen en Jan luisterde, tot we onze concrete vragen op tafel gooiden.'

'Op onze belangrijkste vraag 'Waarom heeft Miro zo'n driftbuien?' bevestigde Jan ons vermoeden dat woede-uitbarstingen vaak voorkomen bij kleuters. Ze ontdekken dat ze een individuutje zijn met eigen behoeften en een eigen wil. Omdat ze zich verbaal nog niet goed kunnen uiten en zich geen blijf weten met hun emoties zoeken ze op deze manier een uitweg. Wanneer de kinderen ouder worden en zich beter leren uitdrukken, verdwijnen de driftbuien vanzelf. Maar hoe reageren we er nu het beste op? Jan legt uit dat het belangrijk is om Miro's emoties te erkennen en zelf rustig te
blijven, wat in de praktijk soms makkelijker gezegd dan gedaan is. Als extra oplossing stelt hij de time-out voor: of we verlaten zelf de ruimte, of we verplaatsen Miro even naar de gang. Zo krijgt hij even geen aandacht en kan hij tot rust komen. Een goede tip, hoewel het betekent dat we minstens onze gang kindveilig moeten zien te maken.'
'Over de volgende vraag 'Hoe kunnen we Miro het best straffen?' hebben we onze hoofden al gebroken, omdat we het op dat vlak niet eens zijn met elkaar. De één vindt een pedagogische tik best kunnen, de ander ziet straffen liever op een andere manier gebeuren. Jan spreekt zich hierover niet expliciet uit, maar vertelt dat straffen ook anders kan. Veel moeten straffen kan bovendien vermeden worden door meer aandacht te geven aan het belonen van positief gedrag. We plannen meteen om ons een leuke medaille aan te schaffen zodat we het beloningsoffensief kunnen starten. Voor de rest blijkt het vooral belangrijk om voor jezelf en als koppel uit te maken hoe je je kind wil straffen. Onze overtuiging om vanuit ons gevoel op te voeden, is blijkbaar zo slecht niet!'
'Voordat het gesprek plaatsvond, hadden we de nodige bedenkingen, maar we vonden het fijn om Jan als neutraal en objectief klankbord te gebruiken; onze zoektocht naar een moeilijk te vinden evenwicht is daardoor iets gemakkelijker geworden. Bovendien zijn we er nu van overtuigd dat Miro niet aan het opgroeien is tot een jongen die binnen enkele jaren met een diabolische glimlach op zijn gezicht insecten in brand zal steken, een hele geruststelling. Ook wij willen een lieve en welopgevoede zoon, eentje die weliswaar zijn pit niet verliest.'

3 gouden tips
- Geef je kind structuur, dat geeft veiligheid en zekerheid. Maak bij-voorbeeld met het gezin een weekplanning waarop staat wie welke activiteiten doet.
- Geef meer aandacht aan het positieve dan aan het negatieve. Gebruik ik-boodschappen om je kind te vertellen wat het goed doet. Zo nodig je het uit om het positieve gedrag vaker te stellen.
- Luister actief naar je kind. Stel vragen om te achterhalen wat het echt wil zeggen. Daardoor wordt de vertrouwensband sterker en motiveer je je kind om over moeilijkere onderwerpen te praten.

Door: Nathalie De Jongh
Goed Gevoel, september 2008

Jouw mening telt !

Meld je aan of registreer je om een reactie te plaatsen!