Alle trends ten spijt, blijkt dat we steeds minder bij elkaar over de vloer komen. Zo spenderen Nederlanders maar 5,6 uur per week aan iemand bezoeken. In 1975 was dit nog 8,4 uur.
De belangrijkste reden voor de daling is dat hogeropgeleiden en jongeren elkaar vaak buitenshuis ontmoeten, om te gaan eten, iets te gaan drinken, samen te sporten, winkelen of naar de cinema te gaan. Dat blijkt uit het doctoraatsonderzoek van Erik van Ingen van de Universiteit van Tilburg.
Vrijwilligerswerk
Van Ingen ziet nog enkele redenen voor deze 'visitedaling'. Zo wijst hij naar de ontkerkelijking, waardoor het vrijwilligerswerk terugloopt. De resterende kerkgangers doen wel steeds meer, wat de balans terug meer in evenwicht brengt.
Ook hebben Nederlanders steeds minder zin om in het bestuur van een organisatie te zetelen. Nochtans is dat soort contacten heel nuttig voor bejaarden, alleenstaande en allochtonen. (edp)



